Gillis Mostaert
| Gillis Mostaert | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Portret van Gillis Mostaert door Simon Frisius, c. 1610 | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboren | 1528, Hulst | |||
| Overleden | 28 december 1598, Antwerpen | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep | kunstschilder[1][2] | |||
| Werkveld | schilderkunst, landschapschilderkunst, genrestuk | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Stijl | Maniërisme | |||
| Bekende werken | Allegorie op de wereldlijke en geestelijke misbruiken | |||
| Werklocatie | Antwerpen | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Lid van | Sint-Lucasgilde van Antwerpen | |||
| RKD-profiel | ||||
| Dbnl-profiel | ||||
| ||||
Gillis Mostaert (Hulst, tussen 27 juni en 28 november 1528 – Antwerpen, 28 december 1598) was een Vlaams schilder, tekenaar en graficus behorend tot de groep Antwerpse maniëristen. Hij was een veelzijdig kunstenaar die in verschillende genres werkte, waaronder landschaps-, genre- en historiestukken.[3] Gillis Mostaert stond vooral bekend om zijn winterlandschappen en zijn scènes met vuren en nachtelijke taferelen. Zijn werken in dit genre behoorden tot de meest gewilde stukken van zijn tijd.[4] De kunstenaar had een groot atelier in Antwerpen, dat werken leverde aan vooraanstaande opdrachtgevers. Hij werkte regelmatig samen met toonaangevende Antwerpse kunstenaars uit zijn tijd.[5]
Leven
Gillis Mostaert was een tweelingbroer van Frans Mostaert. Vroeger werd aangemonem dat de tweeling kleinzonen waren van de Haarlemse schilder Jan Mostaert maar deze visie wordt niet langer gesteund door hedendaagse historici.[6] Gillis Mostaert vestigde hij zich in Antwerpen, waar hij in 1554 lid werd van het Antwerpse Sint-Lucasgilde.[7]
Gillis Mostaert trouwde in 1563 met Margareta Baes en het echtpaar kreeg zes kinderen.[4] Een zoon die ook Gillis heette en bekend stond als Gillis de Jongere, geboren in 1588, werd ook schilder en trad in 1612 als zoon van een meester toe tot het Antwerpse Sint-Lucasgilde.[8]
Gillis Mostaert de Oudere werd door zijn collegaschilders zeer gewaardeerd. De schilders Pieter Balten en Chrispijn van den Broeck waren peetvaders van zijn kinderen, geboren in respectievelijk 1571 en 1588. Als zelfstandig schilder werkte hij onder meer samen met Cornelis van Dalem, Hans Vredeman de Vries, Hendrik van Steenwijck en Jacob Grimmer. Zijn leerlingen waren Gillis van Coninxloo, Hendrik Gijsmans, Henrick Pieters en Jan Soens.[3]
Werk
Mostaert schilderde genrestukken, landschappen, allegorieëen, bijbelse verhalen en architectuurstukken. Zijn klanten waren vooral particuliere opdrachtgevers aan wie hij schilderijen leverde met een breed scala aan onderwerpen. Deze omvatten scènes van markten, kermissen en dorpen, allegorieën van de vier seizoenen, winter- en sneeuwlandschappen, oorlogstaferelen, de hel en brandende huizen, religieuze onderwerpen en parabels en allegorieën.[9]
Weinig schilderijen van Gillis Mostaert zijn gesigneerd of er zijn weinig gesigneerde overgeleverd. Meestal monogrammeerde hij met GM en het jaartal.[5] Er is één werk gesigneerd en gedateerd met 'G. Mostar.F.1573': het Landschap met Heilige Familie in het Nationalmuseum in Stockholm uit 1573.[10]

Mostaert zou een belangrijke rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van de genre- en landschapskunst in Antwerpen, door zijn scènes waarin hij de activiteiten van hedendaagse mensen uitbeeldde aan de hand van de vele kleine figuren in zijn composities. Hij wordt ook geacht verantwoordelijk te zijn voor de introductie in de genrekunst van de manieristische stijl van het weergeven van de menselijke figuur, die typerend was voor de Antwerpse maniëristen van de school van Frans Floris.[4] Kenmerkend voor deze opkomende stijl zijn de natuurlijke weergave van de natuur en reflecterende oppervlakken, de toevoeging van verschillende kleine figuren om de doeken tot leven te brengen en de vermenging van landschap en geschiedenis.[11]
Enkele van zijn werken zijn beïnvloed door dat van de schilder Jheronimus Bosch. Zo is zijn Allegorie op de wereldlijke en geestelijke misbruiken waarschijnlijk ontleend aan Bosch’ Hooiwagen-drieluik.
Galerij
Een scène van oorlog en vuur, Louvre
De Sint-Joriskermis, Museum voor Schone Kunsten (Gent)
Allegorie op de wereldlijke en geestelijke misbruiken, ca. 1575 - olieverf op doek 116 × 203 cm Utrecht, Museum Catharijneconvent
De doop van Christus, Fondation Custodia
Bronnen
- Biografische gegevens bij het RKD-Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis
- Friedländer, Max J. (1969) Early Netherlandisch Painting. Volume V. Geertgen tot Sint Jans and Jerome Bosch, Leyden: A.W. Slijthof, Brussels: La Connaissance.
Noten
- ↑ abART; geraadpleegd op: 1 april 2021; abART-identificatiecode voor persoon: 34302.
- ↑ RKDartists; geraadpleegd op: 12 december 2025; RKDartists-identificatiecode: 57983.
- 1 2 Gillis Mostaert op de site van het RKD-Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis
- 1 2 3 Carl Van de Velde en James Snyder. "Mostaert: (2) Gillis Mostaert", Grove Art Online. Oxford Art Online. Oxford University Press. Web. 27 November 2025
- 1 2 Lode I J Goukens, Een geschilderde lijst: innovatie door Gillis Coignet of Gillis Mostaert? Hooiwagen, Parijs, Louvre, Universiteit Gent Faculteit Letteren & Wijsbegeerte, Paper Geschiedenis van de beeldende kunst in de Nederlanden II Voor: Professor Koenraad Jonckheere, Academiejaar 2015-2016
- ↑ Buyck Jean F., Gillis Mostaert - Christus door Pilatus aan het volk getoond, OKV 1968
- ↑ Rombouts en Th. van Lerius (ed.), De liggeren en andere historische archieven der Antwerpsche sint Lucasgilde van 1453-1615, Antwerpen, 1872-1876,, volume 1, p. 187
- ↑ Rombouts and Th. van Lerius (ed.), De liggeren en andere historische archieven der Antwerpsche sint Lucasgilde van 1453-1615, Antwerp, 1872-1876, volume 1, p. 483
- ↑ Gillis Mostaert (1528-98): een tijdgenoot van Bruegel op codart
- ↑ Friedländer (1969): p. 60.
- ↑ Christine Göttler, “Wit in Painting, Color in Words: Gillis Mostaert’s Depictions of Fires”, in: Trading Values in Early Modern Antwerp, Netherlands Yearbook for History of Art 64 (2014), ed. Christine Göttler, Bart Ramakers, Joanna Woodall (Leiden: Brill, 2014), pp. 214-237
.jpg)