Gilles Kepel

Gilles Kepel
Gilles Kepel (2013)
Gilles Kepel (2013)
Persoonlijke gegevens
Titelatuur/graad doctoraatBewerken op Wikidata
Geboortedatum 30 juni 1955
Geboorteplaats Parijs
Nationaliteit Frans
Beroep hoogleraar
Lid van Institut universitaire de France,[1] Haut Conseil à l'intégration,[1] French Economic, Social and Environmental Council, National Council of Universities (France)[1]Bewerken op Wikidata
Academische achtergrond
Alma mater Sciences Po, École des hautes études en sciences sociales (1982),[2] Lycée Montaigne (Paris)Bewerken op Wikidata
Promotor(s) Olivier Carré[2]Bewerken op Wikidata
Wetenschappelijk werk
Vakgebied(en) politicologie
Universiteit Sciences Po
Prijzen en erkenningen Chevalier des Arts et des Lettres‎, Lysenko prijs (2001),[3][4] Officer of the Order of Cultural Merit (2012), prix Pétrarque de l'essai (2013), Officier in de Nationale Orde van Verdienste (15 mei 2015),[1] Jean-Zay Award (2016),[5] Revue des deux Mondes prize (2016),[6] Officier in het Legioen van Eer (13 juli 2022),[1] prix Montaigne de Bordeaux (2025)[7]Bewerken op Wikidata
Bekende werken La Revanche de Dieu
Persoonlijke Website

Gilles Kepel (Parijs, 30 juni 1955) is een Franse politicoloog en arabist, gespecialiseerd in het hedendaagse Midden-Oosten en moslims in het Westen. Hij is professor aan de Paris Science et Lettres-universiteit (PSL) en directeur van de faculteit Midden-Oosten en het Mediterrane gebied aan de École normale supérieure van het PSL. Hij geldt als een van de grootste kenners van de politieke islam.[8]

Biografie

Gilles Kepel is een zoon van een Tsjechische vader, die werk van Václav Havel vertaalde, en een moeder die professor Engels was in Nice. Hij ontdekte het midden-oosten na zijn gymnasiumopleiding, tijdens een reis naar Syrië in 1974. Kepel begon Arabisch te studeren en behaalde diploma's in de filosofie en het Engels. Hij rondde zijn studie Arabisch in 1978 af in Damascus, aan het Franse Instituut van Damascus, en promoveerde in 1980 aan de Sciences Po. Hij kreeg een studiebeurs om aan de Centre d’études et de documentation économiques, juridiques et sociales (Cedej) te Caïro aan een doctoraat te werken. Dat doctoraat, over hedendaagse islamistische stromingen, en dan met name de moslimbroederschap, resulteerde in 1984 in Le Prophète et le Pharaon, het eerste boek waarin het hedendaagse militante islamisme wordt geanalyseerd. Het boek is nog steeds een academisch standaardwerk.

Terug in Frankrijk werd Kepel onderzoeker aan het Centre national de la recherche scientifique (CNRS), waar hij de islam bestudeerde als Frans sociaal en politiek fenomeen. Uit dit onderzoek kwam Banlieues de l’Islam voort, een baanbrekend werk over de islam in Europa. Vervolgens begon hij aan een vergelijkende studie over politiek-religieuze bewegingen die hun oorsprong hadden in respectievelijk het jodendom, het christendom en de islam. In 1991 resulteerde dat in de in 20 talen vertaalde bestseller, La Revanche de Dieu.

In 1993, als gastprofessor aan de New York-universiteit (NYU), deed hij veldonderzoek onder de zwarte moslims in de Verenigde Staten. Naar aanleiding van de Rushdie-affaire en de Franse hoofddoekendiscussie publiceerde Gilles Kepel in 1994 A l'ouest d'Allah.

In 1995 werd Kepel benoemd tot directeur van het CNRS. Hij was verder buitengewoon hoogleraar aan de Columbia-universiteit en de NYU, waar hij zijn boek Jihad (2000) voorbereidde, een wereldwijde studie van de moslimwereld, van Indonesië tot Afrika, dat in 12 talen werd vertaald. Hij bestudeerde er de ontwikkeling van de politieke islam, en zag haar radicalisering eerder als een teken van achteruitgang dan van machtstoename. Kepel was optimistisch over de onmogelijkheid om moslims te mobiliseren voor de Jihad. Na de aanslagen op 11 september 2001 kreeg hij veel kritiek op die visie. Als antwoord schreef hij Chronique d'une guerre d'Orient (2002). Vervolgens analyseerde hij dat hij de aanslagen niet had zien aankomen omdat ze een tweede fase inluidden. De eerste fase bestond volgens Kepel uit een "dialectiek van het jihadisme", de strijd tegen de "nabije vijand". In de tweede fase, die van Al Qaida, legde men zich toe op de "vijand veraf", omdat de eerste tactiek weinig resultaat boekte. Toen ook die tweede fase faalde om massaal moslims onder de jihad-banier te scharen, volgde er een derde fase, waarin zich wereldwijde netwerken van cellen ontwikkelden, de tactiek van ISIS in Irak en Syrië. Hij vervolgde zijn publicatiereeks over de Jihad met Fitna, guerre au cœur de l’Islam, en sloot deze af met Terreur et martyre, relever le défi de civilisation. Met zijn leerlingen bestudeerde hij daarnaast, direct aan de bron, de Arabische teksten van jihad-ideologen als Abdullah Yusuf Azzam, Osama bin Laden, Ayman al-Zawahiri en Abu Musab al-Zarqawi, wat resulteerde in het boek Al-Qaïda dans le texte (2006). [9]

In 2001 werd Kepel benoemd tot professor politicologie aan de Sciences Po, waar hij de campus 'Moyen-orient & mediterranée' oprichtte, alsook het forum Eurogolfe. Kepel leidde sociaal-wetenschappelijk onderzoek en begeleidde promoverende studenten, en richtte de boekenreeks "Nabije Oosten" op bij de Presses universitaires de France (PUF). De reeks omvat 23 delen, gepubliceerd tussen 2004 en 2017. In 2008 werd Kepel beschuldigd van fysieke agressie in de richting van onderzoeker Pascal Ménoret, tijdens een avond in de Middle East Association in Washington, wat hem op uitsluiting van de vereniging kwam te staan. Op uitnodiging van Alain Finkielkraut presenteerde Kepel zijn versie van de betreffende feiten aan François Burgat.

Gilles Kepel doceerde als hoogleraar geschiedenis en internationale betrekkingen aan de London School of Economics, in 2009-2010. In december 2010, toen de Tunesische marktkoopman Mohammed Bouazizi zichzelf in brand stak en daarmee de Arabische Lente ontketende, sloot Sciences Po de campus 'Moyen orient et mediterranée'. Gilles Kepel werd vervolgens benoemd tot senior fellow van het Institut universitaire de France, voor vijf jaar (2010-2015), waardoor hij zijn veldwerk weer kon opnemen. In 2012 publiceerde hij Banlieue de la République, een studie naar de rellen in de Franse voorsteden in 2005. Het betrof een eenjarig observerend veldonderzoek, met een team studenten van het Institut Montaigne. Het boek Quatre-Vingt Treize, voortgekomen uit hetzelfde onderzoek, geeft een algemenere analyse van de ontwikkeling van de islam in Frankrijk, 25 jaar na de publicatie van Kepel's Banlieues de l’Islam.

In maart 2012 werd Kepel voor twee jaar benoemd tot lid van de Conseil économique, social et environnemental (CESE). In 2013 kreeg hij de Prix Pétrarque van France Culture voor zijn boek Passion Arabe, een bestseller over de Arabische Lente. In 2014 publiceerde hij Passion Française, een onderzoek naar de eerste generatie moslims die opkwam bij verkiezingen, voornamelijk in Roubaix en Marseille. Het betrof het derde boek van een vierluik, die werd afgesloten met Terreur dans l’Hexagone (2015) waarin de jihadistische aanslagen in Frankrijk in perspectief werden geplaatst. Kepel nam in 2015 deel aan een Bilderbergconferentie. In 2016 publiceerde hij La Fracture, gebaseerd op radioreportages op France Culture tussen 2015 en 2016, waarin hij de impact van het jihadisme analyseerde op het moment dat de aanvallen op Franse en Europese bodem toenamen. Hij onderzocht onder meer het verband met de opkomst van extreem-rechts in Europa. In februari 2016 werd Kepel benoemd tot directeur van de faculteit Midden-Oosten en het mediterrane gebied aan de École normale supérieure, waar hij het maandelijkse seminarie "Geweld en Dogma" organiseert over het gebruik van het verleden in het hedendaagse islamisme.

Gilles Kepel is het al enkele jaren diep oneens met Olivier Roy over de analyse van de oorzaken van het islamitisch terrorisme in Frankrijk.[10] Waar de verklaring van Roy neerkomt op 'islamisering van het radicalisme', houdt Kepel het bij 'radicalisering van de islam'. De socioloog Vincent Geisser beschuldigde hem van onwaarheden, simplistische gevolgtrekkingen en een neiging om de sociaal-economische problemen van de buitenwijken te "islamiseren". In februari 2016 werd Gilles Kepel benoemd tot lid van de wetenschappelijke raad van de Délégation interministérielle à la lutte contre le racisme et l'antisémitisme (DILCRA), onder voorzitterschap van Dominique Schnapper. Gilles Kepel is tevens lid van de hoge raad van het Institut du monde arabe en directeur van het Koeweit-programma aan de Sciences Po in Parijs.

Na de aanslagen in Parijs van november 2015 schreef Kepel dat ook de derde fase van het jihadisme haar doel niet zou bereiken, omdat er slachtoffers vielen bij de bevolking waar de beweging onder rekruteerde.[11] Na de aanslag in Nice in 2016 leek hij het jihadisme van de derde generatie - „het uitputten van de veiligheidstroepen en ervoor zorgen dat de samenleving, die totaal van slag is, zich voorbereidt op de logica van een burgeroorlog tussen enclaves van verschillende religies” - toch weer krediet te geven.[12] Sinds 2017 staat hij onder bewaking wegens doodsbedreigingen uit islamistische hoek. Hij noemt ondertussen het "Islamo-gauchisme" mede schuldig.[13]

In oktober 2018 publiceerde Kepel bij Gallimard Sortir du chaos, les crises en Méditerranée et au Moyen-Orient.

Gilles Kepel levert regelmatig bijdragen aan Le Monde, The New York Times, La Repubblica, El País en verschillende Arabische media. Hij is ridder in het Legioen van Eer. Er zijn tot op heden geen boeken van Gilles Kepel in het Nederlands vertaald.

Bibliografie (selectie)

  • Le Prophète et Pharaon, les mouvements islamistes dans l'Égypte contemporaine, La Découverte, Paris (1984)
  • Les Banlieues de l'islam, naissance d'une religion en France, Seuil, Paris (1987)
  • La Revanche de Dieu. Chrétiens, juifs et musulmans à la reconquête du monde, Seuil, Paris, (1991)
  • À l'ouest d'Allah, Seuil, Paris (1994)
  • Jihad, expansion et déclin de l'islamisme, Gallimard, Paris, (2000)
  • Chronique d'une guerre d'Orient, Gallimard, Paris (2002)
  • Fitna, guerre au cœur de l'islam, Gallimard, Paris (2004)
  • Terreur et martyre, relever le défi de civilisation, Flammarion, Paris (2008)
  • Banlieue de la République, société, politique et religion à Clichy-sous-Bois et Montfermeil, Gallimard, Paris (2012)
  • Quatre-vingt-treize, Gallimard, Paris (2012)
  • Passion arabe, Gallimard, Paris (2013)
  • Passion française, la voix des cités, Gallimard, Paris (2014)
  • Terreur dans l'Hexagone, genèse du djihad français (met Antoine Jardin), Gallimard, Paris (2015) (Zie ook: L'Hexagone, het symbool van Frankrijk.)
  • La Fracture, co-édition Gallimard / France Culture, Paris (2016)
  • Sortir du chaos, Gallimard, Paris (2018)
  • Le prophète et la pandémie, Du Moyen-Orient au jihadisme d’atmosphère, Gallimard, Paris (2021)
  • Prophète en son pays, L'Observatoire (2023)
  • Holocaustes: Israël, Gaza et la guerre contre l'Occident, Plon (2024)