Baretaardster
| Baretaardster | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||
| Geastrum striatum DC. (1805) | ||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
De baretaardster (Geastrum striatum) is een buikzwam uit de familie Geastraceae.
Eigenschappen
Uiterlijke kenmerken
Het vruchtlichaam is meestal baretvormig samengedrukt. Het bolletje meet 8-19 mm en is meestal donker gekleurd.[1] De slippenkrans meet (10-) 25-55 (-60) mm.[2] De mondzone is gevoord-geplooid.[1] De ringvoor is soms aanwezig.[1] Bij rijpheid springt de buitenlaag (exoperidium) open en de slippen buigen zich stervormig. De binnenlaag (endoperidium) met de sporenmassa wordt dan in het midden zichtbaar. Uit een opening op de top van dat bolletje komen de sporen naar buiten. Bij deze soort is het bolletje gesteeld en er is een duidelijke kraag tussen bol en steeltje. De 6-11 slippen krullen om onder het vruchtlichaam en lichten dit van de grond.
De sporenprint is donkerbruin.[2]
Microscopische kenmerken
Columella goed ontwikkeld, reikt zelfs tot aan de bovenkant van het vruchtlichaam. De sporen zijn bruin, bolvormig en meten 4,3-5,5 (6,0) μm (incl. wratten van 0,3-0,6 μm hoog).[1][2] De sporen zijn bedekt met wratten (ongeveer 13 in aantal). De springdraden zijn tot circa 8 μm dik.[1]
Verspreiding
In Nederland komt de baretaardster algemeen voor. De soort is voornamelijk in de duinen te vinden.[3]
Foto's
Sporen
Onderzijde
.jpg)