François Moncheur
.tif.jpg)
François Désiré Victor Moncheur (Andenne, 6 oktober 1806 - Namêche, 13 juli 1890) was een Belgisch volksvertegenwoordiger en minister.
Biografie
François Moncheur was de zoon van Pierre Moncheur, eigenaar van smeltovens en lid van de Provinciale Staten van Namen, en Marie-Anne Bouverie. Hij trouwde met Louise Bauchau (1824-1883) en ze kregen vier kinderen, onder wie diplomaat Ludovic Moncheur.
Hij promoveerde tot doctor in de wijsbegeerte (1824) aan de Rijksuniversiteit Leuven en tot doctor in de rechten (1829) aan de Universiteit van Utrecht. Na een paar jaar advocaat te zijn geweest, begon hij aan een carrière in de magistratuur:
- 1832-1836 substituut van de auditeur-generaal bij het Militair Hof en rechter in de rechtbank van eerste aanleg in Brussel,
- 1836: substituut-procureur-generaal bij het hof van beroep in Brussel.
Van 1836 tot 1848 was hij provincieraadslid en bestendig afgevaardigde van Namen en vervolgens was hij van 1848 tot 1880 volksvertegenwoordiger verkozen in het arrondissement Namen voor de Katholieke Partij.
In 7 december 1871 tot 22 oktober 1873 was hij minister van Openbare Werken in de regering-De Theux-Malou.
Hij was aandeelhouder van de Société générale de Belgique vanaf 1835 en was beheerder van diverse staalbedrijven en koolmijnen.
In 1881 werd Moncheur opgenomen in de erfelijke Belgische adel met de titel van baron voor hemzelf en al zijn nakomelingen.
Literatuur
- Juliette LAUREYSSENS, Industriële naamloze vennootschappen in België, 1819-1857, Leuven, Nauwelaerts, 1975.
- Jean-Luc DE PAEPE en Christiane RAINDORF-GERARD (red.), Le Parlement belge, 1831-1894. Données biographiques, Brussel, Académie royale des sciences, des lettres et des beaux-arts de Belgique, 1996.
- Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1994, Brussel, 1994.
- Hervé DOUXCHAMPS, La familie Bauchau, 2 vol., Brussel, Office généalogique et héraldique de Belgique, 496, 501-503.
Externe links
- François Moncheur in de ODIS
| Voorganger: Armand Wasseige |
Minister van Openbare Werken 1871-1873 |
Opvolger: Auguste Beernaert |