Erno Bouma

Erno Bouma (1961) is een Nederlandse agrometeorologisch specialist die zich richt op de interactie tussen weer, gewas en beschermingstechnieken. Hij is auteur van meerdere standaardwerken voor de agrarische sector. Zo heeft hij samen met prof. Bert Wartena Weer & gewasbescherming (1994, nieuwe editie in 2006) en het Agrarisch Weerboek (1998) gepubliceerd. Weer & gewasbescherming werd in vijf talen vertaald.[1]

Biografie

Van 1980-1986 studeerde Bouman aan de Landbouwschool in Deventer en behaalde daar een bachelor in Plant sciences, Information technology, Economics.

Hij werkte van 2001 tot 2009 bij de Plantenziektenkundige Dienst en daarna bij Agrovision.[2]

In 2005 richtte hij het Agrometeorologisch Adviesbureau Erno Bouma op, dat lezingen, cursussen en inleidingen verzorgt. Deze activiteiten vormen de basis voor verlenging van licenties voor gewasbescherming en bestrijken onder meer toedieningstechniek, emissiebeperking, precisielandbouw, klimaatverandering en weer- en gewasbescherming.

In de periode 2011-2013 werkte hij als beleidsmedewerker bij LTO Noord in Zwolle. Sinds 2013 is hij docent op de HAS Hogeschool in 's-Hertogenbosch. Daar geeft hij vakken op het gebied van plantgezondheid en toedieningstechnieken voor gewasbeschermingsmiddelen.[3]

In 2024 gaf hij wekelijkse updates over het weer, waarin hij tips gaf wanneer het zinvol was om onkruid te bestrijden en wanneer een agrariër bijvoorbeeld de aantallen luizen moest tellen op bepaalde gewassen, ook met het doel om op tijd de luizen te bestrijden. [4]

In 2025 is hij voorzitter van de KNPV-Werkgroep Fungicidenresistentie.[5][6] Onder zijn leiding ontwikkelde de werkgroep een strategie tegen Phytophthora (aardappelziekte).[5]

Uitspraken

Bouma heeft o.a. een mening over de wijze van toepassing van gewasbeschermingsmiddelen. In kassen treedt volgens hem soms schade aan de planten op door die middelen, omdat de planten onvoldoende afgehard zijn. Hij pleit ervoor om de planten aan meer UV bloot te stellen en ook vooral te ventileren. Hij gelooft niet zo in de resistentie van plagen tegen een middel. Volgens hem gaat het vaak om een verkeerde toepassing.[7]

Hij heeft ook een mening over het verbieden van beregenen overdag in periodes van droogte. Dat is volgens Bouma onzin. 'Beregenen vanuit het grondwater kan overdag en 's nachts. De verdamping hangt af van de dauwpunttemperatuur," zo stelt hij. Omdat het grondwater ongeveer 12 graden is, condenseert waterdamp op de druppels die door de lucht vliegen richting grond of gewas, dus er is dan geen extra verdamping omdat het overdag warmer is.[8]

Ook stelt hij dat het plaatsen van weerpalen snel terugverdiend wordt, omdat er dan middelen bespaard kunnen worden. De juiste timing voor het bestrijden van plagen is te berekenen op basis van de weergegevens van die palen.[9]

Door klimaatverandering gaat er van alles veranderen bij de gewasbescherming verwacht Bouma. Gewassen groeien eerder, er komen nieuwe ziekten, plagen en onkruiden. De gewasbeschermingsmiddelen reageren anders en boeren krijgen vaker te maken met wateroverlast.[10]

Meer lezen