Groot klokhoedje
| Groot klokhoedje | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||
| Encalypta streptocarpa Hedw. (1801) | ||||||||||||||||
| Synoniemen | ||||||||||||||||
|
Leersia contorta Lindb. | ||||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||||
| Groot klokhoedje op | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
Groot klokhoedje (Encalypta streptocarpa) is een mossoort uit de klokhoedjesfamilie (Encalyptaceae).
Determinatie
- Uiterlijke kenmerken
Groot klokhoedje is een topkapselmos dat dof geelgroene zoden of losse pollen vormt. De plantjes zijn goed te herkennen aan de blaadjes met de stompe, iets kapvormige bladtoppen en de vele bruine broeddraden in de bladoksels en langs de stengel. De bladeren, die in natte toestand rechtop uitsteken, zijn tongvormig tot spatelvormig en ietwat golvend, aan het uiteinde afgedekt of stomp afgerond. Als ze droog zijn, zijn de bladeren sterk gebogen en gedraaid. De sterke nerf eindigt in de punt van het blad of net ervoor. De soort is soms ook goed te herkennen aan de roodbruine ('roestkleurige') verkleuringen van de bladschijf.
Sporofyten worden vaker in de bergen gevormd, anders slechts zelden. De sporencapsule wordt gedragen door de 1–2 cm lange, rode seta en wordt volledig omhuld door de ongeveer 1 centimeter lange, smalle, cilindervormige klokvormige calyptra. De calyptra strekt zich uit tot ver voorbij het bevestigingspunt van de sporencapsule en is aan de basis onregelmatig gelobd. De sporencapsule is duidelijk gestreept tot gegroefd in een rechtshandige spiraal. Het peristoom is dubbel en heeft 16 tanden.
- Microscopische kenmerken
In het bovenste deel van het blad zijn de bladcellen dicht, rond en 12–15 µm groot aan beide zijden, hyaliene, glad, langwerpig rechthoekig aan de basis van het blad en lineair aan de onderste bladranden.
De sporen zijn groenachtig, bijna glad, min of meer afgerond en 9–16 µm groot.
Ecologie
Groot klokhoedje groeit voornamelijk op schaduwrijke, maar ook lichte, maar frisse tot vochtige locaties op kalk- of basenrijke ondergrond in bergbossen: op rotsen, aarde, op hellingen en muren. Het komt in kalkrijke duinen voor op open, steile, iets humeuze noordhellingen. Buiten de duinen treedt het op in kalkgrasland, op verweerd, kalkrijk gesteente en op aangevoerd, zeer kalkrijk zand en op beton.
Verspreiding
Het verspreidingsgebied van groot klokhoedje strekt zich uit hoofdzakelijk uit overEuropa en Noord-Afrika. In Nederland is het een zeldzame soort. Het staat op de Rode Lijst in de categorie kwetsbaar.
Fotogalerij
- Sporenkapsel
Sporenkapsel- Bladpunt
- Bladcellen van rand bladvoet
- Bladcellen uit midden van blad
- Sporen
Externe links
- Groot klokhoedje in het Nederlands Soortenregister
- Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
- Kaarten met waarnemingen:
