Emancipatiemonument (Curaçao)

Emancipatiemonument
Kunstenaar Pascual Ridderplaat
Jaar 1963
Huidige locatie Het Rif, Curaçao
Onderwerp Afschaffing van de slavernij in het Koninkrijk der Nederlanden
Detailkaart
Emancipatiemonument (Curaçao)
Emancipatiemonument
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur
Cariben

Het Emancipatiemonument werd in 1963 onthuld in Willemstad, Curaçao, tijdens de eeuwviering van de afschaffing van de slavernij.[1] Het stond tussen Rifwater en de Caraïbische Zee.

Onthulling in 1963

Het werd op 1 juli 1963 als tijdelijk monument onthuld op het Rif, op de plek waar de leiders van de opstand werden geëxecuteerd als leiders van de Curaçaose slavenopstand van 1795.[1] Het monument werd uit beton gemaakt door Pascual Ridderplaat.

Tijdens de voorbereiding werd gevraagd speciale aandacht te geven aan monseigneur Martinus Niewindt, vanwege zijn streven naar vrijmaking van de slaafgemaakten.[2] Het opschrift vertoonde de tekst: "Dit monument werd door het Eilandsbestuur aan de bevolking van Curaçao aangeboden als een symbool van een herboren volk, dat zijn krachten wil bundelen om een nieuwe eendrachtige samenleving te scheppen." Op dezelfde dag hielden de Staten een herdenkingsbijeenkomst, in aanwezigheid van hooggeplaatste burgers, militairen en geestelijken. Er werden toespraken gehouden door de plaatsvervangend gouverneur en de voorzitter van de Staten.[1]

Love-in in 1967

Tijdens Curaçaodag op 26 juli 1967 werd een love-in rond het monument gehouden. De politie legde de hbs-leerling Humphrey Senior een verbod op een toespraak op. Jongeren legden een krans en de toespraak werd door iemand anders, Andrés Alberto, gehouden. Hij stelde de vraag waarom de scholen op het eiland namen droegen van Peter Stuyvesant, Willem de Zwijger en prins Hendrik, en niet de namen van de opstandsleiders Tula en Bastiaan Carpata . Ook stelde hij de vraag waarom de hoofdstad Willemstad heette. Hij antwoordde zelf dat Curaçao nog steeds in de koloniale tijd leefde.[3]

Het verbod voor Senior leidde tot opschudding onder de circa honderd aanwezigen. Er werd een minuut stilte gehouden en het Curaçaose volkslied gezongen. De niet-gehouden toespraak van Senior werd door de krant Amigoe di Curaçao afgedrukt. Senior stelde dat Stuyvesant blank was en Tula en Carpata zwart. Ook kwam hij tot de conclusie dat blank en zwart elkaar door de historische ontwikkeling wel zouden begrijpen.[3]

Zie ook