Dorelies Kraakman
Theodora Elisabeth (Dorelies) Kraakman (Eindhoven, 12 juli 1946 – Amsterdam, 24 september 2002) was voorvechtster binnen de lesbische beweging in Nederland.
Ze was een dochter van Wilhelmina Adriana Petronella van Kemenade en Philipsmedewerker Joannes Petrus Kraakman.
Kraakman groeide op binnen een streng katholiek gezin, dat in Baarn kwam te wonen. Ze doorliep haar middelbare school aan de gymnasium-A van het Onze Lieve Vrouwe ter Eem (RK Lyceum voor meisjes) in Amersfoort. Ze wilde gaan studeren, maar haar vader wilde haar daarvoor geen geld verstrekken. Middels een studiebeurs kon ze toch aan een studie beginnen; ze studeerde internationaal recht aan de Universiteit Utrecht. Na haar kandidaatsexamen werkte ze een korte periode voor de Verenigde Naties in New York, maar haar komaf leidde tot ontslag.
Kraakman verbrak het contact met haar ouders omdat die niets zagen in de man met wie ze van plan was te trouwen, de Amerikaanse militair en socioloog Nowell Amir Yrizarry. Ze trouwde met hem in 1970. In 1971 kregen ze een dochter. In hetzelfde jaar studeerde Kraakman in Utrecht af op volkenrecht. Het huwelijk met Yrizarry duurde vier jaar. In die huwelijksperiode begon haar strijd tegen de overheid betreffende discriminatie van vrouwen. Eerst werd haar door de gemeente Utrecht een bijstandsuitkering geweigerd omdat ze niet was ingeschreven als kostwinner. Ze stelde ongelijkheid vast omdat mannen in dat soort situaties wel een uitkering kregen. Even later kreeg ze het aan de stok met het Ministerie van Buitenlandse Zaken, omdat dat bij een uitgeschreven sollicitatieprocedure alleen een manlijke medewerker zocht. Nog voordat een rechter is haar voordeel had beslist, had het ministerie de tekst al aangepast.
Tijdens haar huwelijk neigde ze naar de vrouwenliefde hetgeen in 1974 tot de echtscheiding van haar man leidde. Ze kreeg een relatie met Sylvia Bodnár (1946-2010), met wie ze in Utrecht een vrouwenboekhandel en –café startte, de eerste in Nederland (respectievelijk de Heksenketel en De Heksenkelder, later hernoemd naar Savannah Bay). Er werd niet alleen lesbische literatuur verkocht, maar ook emancipatoir-feministische. In meerdere Nederlandse steden kwamen meer van dit soort winkels van de grond; ondertussen bemoeide zij zich met het Vrouwenhuis Utrecht.
In 1979 vertrok Kraakman naar Amsterdam, alwaar zij, haar nieuwe levensgezel Mieke van Kasbergen, Maaike Meijer en Ineke van Houten het Lesbisch Prachtboek uitgaven bij Feministische Uitgeverij Sara. Dit kreeg een vervolg in Stichting Lust en Gratie, dat tot doel had lesbische cultuuruitingen te stimuleren. De stichting werd mede gesteund door de opbrengsten uit genoemd boek en kwam vervolgens met het tijdschrift Lust en Gratie, dat tussen 1983 en 2001 werd uitgebracht. In de tijd daarna kwamen mede door haar allerlei initiatieven van de grond, waaronder het Lesbisch Archief Amsterdam, financieringsfonds Mama Cash, opvangcentra voor vrouwen en meisjes en ondernemingen gestart door vrouwen. Direct na haar vestiging in Amsterdam begon ze aan een nieuwe studie; dit maal aan de Universiteit van Amsterdam. Ze verdiepte zich in oude geschiedenis en haalde haar doctoraalexamen in 1987 met een scriptie over incest tussen vaders en dochters in het oude Rome. In dat jaar kon ze direct aan het werk als universitair docent binnen de vakgroep "Homo & Lesbische Studies", die onder haar en collega Gert Hekma internationale bekendheid kreeg. Vanaf 1998 had ze een geregistreerd partnerschap met Ingrid Kluvers.
Op publicitair gebied bleef ze actief met Goed verkeerd. Een geschiedenis van homoseksuele mannen en vrouwen uit 1989 en Grensverschillen in de seks (1990), alsmede allerlei publicaties op haar vakgebied, waaronder in Newsletter Forum of Sexuality. In 1997 promoveerde Kraakman met Kermis in de hel. Vrouwen en het pornografisch universum van de 'Enfer' (1750-1850), over lesbische taferelen in 18e-eeuwse Franse pornografie. Ze werd daarin begeleid door Arthur Mitzman van de Universiteit van Amsterdam en Henk Hillenaar van de Rijksuniversiteit Groningen.
De diagnose kanker in 1998 wist haar in eerste instantie maar weinig af te remmen en ze gaf tot in het jaar van overlijden lezingen. Ze overleed in 2002 op 56-jarige leeftijd in haar woning bij haar partner Ingrid Kluvers. Haar stervensproces werd door Kluvers beschreven in de in 2004 verschenen uitgave Zo kaal zonder jou.
In 2023 vernoemde de gemeente Amsterdam brug 131 naar haar onder de redengeving:[1][2]
Dorelies Kraakman (Eindhoven, 1946 - Amsterdam, 2002) was een lesbisch-feministe, juriste, historica, docente lesbische studies en publicist. Eveneens was ze een toonaangevende initiatiefneemster van de lesbische beweging in Nederland. Zij geldt als een van de belangrijkste vertegenwoordigsters van lesbische studies – als historica beoefende ze dit nieuwe vakgebied met een sterk historische inslag
- Astrid de Beer, Kraakman, Theodora Elisabeth. Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland, Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis (25 december 2018). Geraadpleegd op 19 oktober 2025.
- Arlette Strijland, Dorelies Kraakman – biografie. Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis. Geraadpleegd op 19 oktober 2025.
- ↑ Brug bij de 's-Gravesandestraat heet nu Dorelies Kraakmanbrug. Oost Online (23 januari 2023). Geraadpleegd op 19 oktober 2025.
- ↑ Dorelies Kraakmanbrug (Bag-registratie). Gemeente Amsterdam. Geraadpleegd op 19 oktober 2025.