Dirkje Inden-Reiss

Dirkje Inden-Reiss
Volledige naam Dirkje Reiss
Geboren 8 maart 1897, Amsterdam
Overleden 12 december 1981, Zeist
Geboorteland Nederland
Jaren actief 1940-1945
Periode Tweede Wereldoorlog
Familie
Partner(s) T.H.J.M. (Theo) Inden
Beroep Gemeenteraadslid in Zeist
Portaal  Portaalicoon   Tweede Wereldoorlog

Dirkje (Dick) Inden-Reiss (Amsterdam, 8 maart 1897Zeist, 12 december 1981) was een Nederlandse politica en verzetsstrijdster tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Levensloop

Inden-Reiss werd op 8 maart 1897 in Amsterdam (Noord-Holland) geboren als dochter van August Leonard Reiss en Heintje Splinter. Haar vader was barbier van beroep. Ze groeide op in een Luthers reformatorisch gezin.[1][2]

Inden-Reiss werkte in de manufacturenwinkel van de rooms-katholieke familie Inden, waar ze textiel en andere huishoudelijke goederen verkocht. Daar ontmoette ze Theodorus Hermannus Josephus Maria (Theo) Inden (1896-1974), een van de zonen van de winkeleigenaar. Op 29 januari 1920 trouwde ze op 22-jarige leeftijd in Amsterdam met de 23-jarige Inden, die op dat moment sergeant van de militaire politie (MP) was. Door hun interreligieuze huwelijk, wat in die tijd als ongewenst werd gezien, verloor haar echtgenoot alle contact met zijn ouders.[1][2]

In 1925 ontmoette het echtpaar Inden-Reiss Johan Scheps (1900-1993). Scheps was evangelist en lid van de Sociaal Democratische Arbeiderspartij (SDAP). Hij trad regelmatig op als spreker van de Protestantse Debat Klub (PDK) van Inden. Net als Inden-Reiss en haar man, had Scheps belangstelling voor godsdienstige en maatschappelijke vraagstukken. Ze deelden het ideaal van een betere wereld voor mensen die het minder goed hadden.[3][4][5][6]

In 1933 vestigde het echtpaar Inden-Reiss zich in Zeist, waar Inden filiaalhouder werd van de Openbare Leeszaal en Bibliotheek Zeist in Den Dolder. Datzelfde jaar richtten Inden en Scheps uitgeverij De Korte Golf op. Met de uitgeverij wilden ze in eerste instantie de democratie bevorderen. Maar de uitgeverij werd al snel een beweging, die steeds vaker tegen de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) protesteerde. Scheps was het gezicht van de beweging met Inden-Reiss en Inden als onmisbare ondersteuning van de beweging.[3][7][8]

In 1934 trok Scheps in bij Inden-Reiss en haar man. De drie huisgenoten veranderden meerdere malen van woonadres.[9]

Oorlog en verzet

Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog verhuisden Inden-Reiss, haar echtgenoot en huisgenoot Scheps naar de Baarnseweg nummer 36 in Bosch en Duin (later Den Dolder).[8]

Het drietal werd actief in het verzet. Zo produceerden en verspreidden ze via hun uitgeverij illegale propaganda. Tienduizenden pamfletten tegen de Duitse bezetter werden vanuit Den Dolder over het land verspreid. Scheps schreef een deel van de pamfletten waarin hij zich verzette tegen de NSB en de samenwerking met de bezetter. Maar ze verzorgden ook de uitgave en verspreiding van documenten van anderen, waaronder de groep rond de toenmalige verzetskrant Het Parool, de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken in Londen Eelco van Kleffens en mede-verzetsstrijders Koos Vorrink en Gezina van der Molen. Toen Scheps vanaf 1942 vanwege zijn verzetsactiviteiten onder moest duiken, bleven Inden-Reiss en haar man hem ondersteunen met het uitgeven van zijn pamfletten.[3][4][6]

Scheps beschreef zijn politieke ideeën over de bezetting in het boek De Politieke Katechismus. Inden werd op 9 september 1943 door Duitse soldaten in Amsterdam gearresteerd, omdat hij een aantal exemplaren van dat illegale boek bij zich had. Op de vraag waar hij woonde, antwoordde Inden: "Baarnseweg 36 in Zeist". Het duurde enige tijd voordat men doorhad dat het huis zich niet in Zeist, maar in Den Dolder bevond. Inden-Reiss rook ondertussen onraad, omdat haar man langer dan verwacht wegbleef. Ze begroef daarop vervalste documenten, persoonsbewijzen en andere belangrijke zaken in de tuin van de woning. De Duitsers, die later op de dag een huiszoeking op de Baarnseweg uitvoerden, troffen niets verdachts aan. Bij gebrek aan bewijs, mede doordat Inden-Reiss het belastende materiaal tijdig had kunnen verstoppen, werd Inden na een aantal maanden gevangenschap in kamp Vught op 15 oktober 1944 vrijgesproken.[1][3][8]

De illegale persactiviteiten waren niet de enige verzetsdaad van Inden-Reiss en haar man. Ze vervalsten ook documenten en verborgen wapens, illegale lectuur en verboden radio's voor het verzet.[3]

Daarnaast boden ze onderdak aan meerdere Joodse onderduikers. Zo zat advocaat Emile Moresco (1897-1986) korte tijd bij hen ondergedoken toen elders in Zeist een razzia dreigde. En ook is bekend dat de onderwijzer Izaak Duitscher (1890-1958), zijn echtgenote Lea Duitscher-Cohen (1890-1985) en hun zoon Meijer Duitscher (1921-2015) langere tijd op de Baarnseweg verbleven.[8]

Na de oorlog

Na de bevrijding keerde Scheps terug bij het echtpaar Inden-Reiss. Hij zou tot het overlijden van de echtelieden bij hen blijven wonen.[8]

Van 1945 tot 1966 was Inden-Reiss gemeenteraadslid in Zeist voor de Partij van de Arbeid (PvdA). In die rol was ze een zeer actief vertegenwoordigster van het dorp Den Dolder. Het was algemeen bekend dat ze zo nodig de onderste steen boven haalde om haar meestal sociale doelen te bereiken. Zo zette ze zich in voor de aanleg van het sportveldencomplex van de Dolderse Omni Sport Vereniging (D.O.S.C.), waar men kon voetballen en turnen. Ze organiseerde veel voor de ouderen van het dorp, pleitte voor sociale woningbouw voor mensen met weinig geld en maakte zich hard voor de bibliotheek en speeltuin van Den Dolder. Het oude voetbalveld, de bibliotheek en de speeltuin zijn inmiddels verdwenen, maar veel Doldenaren bewaren mooie herinneringen aan die plekken.[1][7]

Het echtpaar Inden-Reiss bleef kinderloos. Inden overleed in 1974. Inden-Reiss zelf overleed zeven jaar later op 12 december 1981 op 84-jarige leeftijd in verzorgingstehuis Huize Bovenwegen in Zeist. Zij werd in Amsterdam begraven.[7]

In 1982 richtte Scheps de stichting Inden-Reiss Fonds op. Doel van de stichting is het bestuderen van de geschiedenis van het verzet tegen de bezetters van Nederland in 1940-1945 en de gevaren van de dictatuur in al haar vormen. Het wil jongeren wijzen op de oorzaken van dictatuur en de mogelijkheden om daartegenin te gaan. De stichting reikt jaarlijks de J.H. Schepsprijs uit aan leerlingen van het voortgezet onderwijs, die zich verdiepen in het onderwerp dictatuur en/of verzet in de vorm van een onderzoek, verslag of visuele uiting.[8][10]

Achtentwintig jaar na haar overlijden werd er een straat naar Inden-Reiss vernoemd. Als waardering voor haar hulp aan onderduikers tijdens de Tweede Wereldoorlog en inzet als gemeenteraadslid na de oorlog bevindt de Mevrouw Inden-Reisslaan zich sinds 27 april 2009 aan de rand van Den Dolder.[1]

Op 29 oktober 2021 plaatste de Historische Vereniging van Den Dolder een herdenkingssteentje ter hoogte van Baarnseweg 36 in Den Dolder ter nagedachtenis aan Inden-Reiss en haar man. De gedenksteentjes van de vereniging herinneren aan verzetsstrijders, Holocaustslachtoffers, onderduikers, plekken en gebeurtenissen, die in de Tweede Wereldoorlog in Zeist, Austerlitz, Den Dolder, Huis ter Heide en Bosch en Duin plaatsvonden. De tekst op de de herdenkingssteen luidt: "Verzetsstrijders en jodenhelpers. Vormden met J.H. Scheps een verzetskern." Wethouder Marcel Fluitman verrichtte de onthulling van de steen.[1][11][12]

In 2020 creëerde kunstenares Isabel Ferrand in opdracht van de gemeente Zeist het kunstwerk Plakkaat van Verbondenheid. Het werk bestaat uit vijf panelen die symbool staan voor de plaatsen die samen de gemeente Zeist vormen en 75 medaillons die een eerbetoon zijn aan alle mensen, initiatieven en plekken, die zich door de tijd heen hebben ingezet voor solidariteit. Een van de medailles is gewijd aan Inden-Reiss. Het kunstwerk bevindt zich in de centrale hal van het gemeentehuis in Zeist.[9][6][13]