Diet Kramer
| Diet Kramer | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Volledige naam | Dina Maria Kramer | |||
| Pseudoniem(en) | Dingena de Pater, Paul van Ipenburg | |||
| Geboortedatum | 25 april 1907 | |||
| Geboorteplaats | Amsterdam | |||
| Overlijdensdatum | 12 augustus 1965 | |||
| Overlijdensplaats | Den Haag | |||
| Geboorteland | Nederland | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep | schrijfster, vertaalster | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Jaren actief | 1924–1965 | |||
| Werken | ||||
| Genre(s) | roman, jeugdliteratuur, kortverhalen | |||
| Bekende werken | Stans van de Vijf-jarige, Onrustig is ons hart, Thuisvaart | |||
| Uitgeverij(en) | Van Holkema & Warendorf, P. Noordhoff | |||
| Dbnl-profiel | ||||
| ||||
Diet Kramer (Amsterdam, 25 april 1907 – Den Haag, 12 augustus 1965) was een Nederlandse schrijfster. In de jaren dertig en veertig van de twintigste eeuw publiceerde zij populaire romans voor zowel volwassenen als jongeren. Haar werk kenmerkt zich door herkenbare beschrijvingen van het moderne leven en de worsteling van jonge mensen met hun plaats in de samenleving.
Levensloop
Dina Maria Kramer, zoals haar officiële naam luidt, werd in 1907 geboren in Amsterdam als jongste in een gezin van zes kinderen. Haar ouders, Pauwel Hendrik Kramer en Jacoba Ipenburg, waren actief in de middenstand en runden een drogisterij, eerst in de Kerkstraat en later in de Nieuwe Spiegelstraat. Het gezin was aangesloten bij de Nederlandse Hervormde Kerk.
Na het behalen van haar hbs-diploma werkte Kramer kortstondig op een kantoor en bij verschillende uitgeverijen. Daarnaast volgde zij cursussen op het gebied van kunstgeschiedenis, literatuur en muziek. Reeds tijdens haar schooltijd debuteerde zij in 1924 in de De Telegraaf met het kortverhaal Camielke. Vervolgens publiceerde zij kortverhalen in tijdschriften als Opgang en Opwaartsche Wegen. Haar eerste meisjesroman, Stans van de Vijf-jarige, verscheen in 1927. Het boek, Ons Honk (1928) werd opgenomen in de reeks Bekroonde Boeken van uitgeverij Van Holkema & Warendorf. Na deze publicaties besloot Kramer zich volledig op het schrijverschap te richten.
In 1929 leerde Kramer tijdens een vakantie in Valkenburg de onderwijzer en de latere rector Willem Anne Muller (1891-1945) kennen. Het contact tussen hen bleef bestaan, ook nadat Muller in 1930 naar Batavia vertrok om daar rector te worden van het Bataviaasch Lyceum. Kramer publiceerde in deze periode verhalen en artikelen over letterkundige, cultuurhistorische en pedagogische onderwerpen in uiteenlopende tijdschriften. Daarnaast deed zij vertaalwerk en werkte zij mee aan series schoolleesboekjes voor uitgeverij P. Noordhoff, soms onder het schrijversnaam Paul van Ipenburg.
In 1932 verscheen Begin, haar eerste roman voor volwassenen. Het boek werd goed ontvangen, mede door de herkenbare wijze waarop Kramer het moderne leven van die tijd beschreef. Een jaar later vertrok zij naar Nederlands-Indië, waar zij zich voegde bij Muller. Op 24 januari 1934 trouwden zij; uit hun huwelijk werden een dochter en een zoon geboren.
Hoewel de combinatie van gezin en schrijverschap moeilijk was, bleef Kramer schrijven en publiceren. In 1935 verschenen twee boeken: Vechters, dat zij publiceerde onder het pseudoniem Dingena de Pater, en De Bikkel. Andere populaire boeken in die jaren waren Roeland Westwout (1937), Onrustig is ons hart (1939) en Lodewijk de rattenvanger (1941).
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Kramer met haar twee kinderen geïnterneerd in de kampen Ambarawa 8 en Banjoebiroe XI op Midden-Java. Haar echtgenoot overleed kort voor de bevrijding in een mannenkamp. In 1946 keerde Kramer met haar kinderen terug naar Nederland. Na kort verblijf bij haar moeder in Amsterdam vestigde zij zich in Den Haag. De ervaringen uit de oorlog en het veries van haar man leidden tot fysieke en psychische problemen, maar zij bleef schrijven. In 1948 verscheen Thuisvaart, waarin zij haar kampervaringen en repatriëring verwerkte. Kramer overleed op 12 augustus 1965 in Den Haag op 58-jarige leeftijd. Zij werd begraven op begraafplaats Westduin.[1]
Betekenis
De romans van Diet Kramer richten zich vaak op jonge mensen die op zoek zijn naar hun identiteit en plaats in de samenleving. Haar boeken spraken een breed publiek aan, zowel jongeren als volwassenen, door de herkenbare thema's en de wijze waarop zij problemen en oplossingen presenteerde. Daarnaast geven haar werken inzicht in de waarden en normen van haar tijd, wat haar oeuvre een maatschappelijke en historische relevantie verleent.
Werken
- Stans van de Vijf-jarige (1927)
- Ons Honk (1928)
- Kleine levens (1929)
- Begin (1932)
- Razende Roeltje (1933)
- Bloesem : een boek voor meisjes (1933)
- Vechters (1935)
- De Bikkel (1935)
- Roeland Westwout (1937)
- Karakters en gebeurtenissen (1938)
- Onrustig is ons hart (1939)
- Eindexamen 1940 (1940)
- Vijf rovers en een rovershol (1941)
- Het geheim van de gesloten kamer (1941)
- Lodewijk de rattenvanger (1941)
- Thuisvaart (1948)
- Zes + een werd 7 (1949)
- De avonturen van Lodewijk (1971) Omnibus bevat Lodewijk de mensenredder (1951) en Lodewijk de Circushond (1960)
Secundaire literatuur
- Janneke van der Veer - Het katterig gezanik om een jongen: Diet Kramer en de kritiek op het meisjesboek (2016)
- Janneke van der Veer - Onrustig is ons hart: Leven en schrijverschap van Diet Kramer (1907-1965) (Schalkhaar, 2018)
Externe links
- Diet Kramer in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren
- Website Janneke van der Veer
- Diet Kramer in het Digitale Vrouwenlexicon van Nederland
- ↑ Algemeen Handelsblad: Diet Kramer overleden, 14-08-1965, pagina 1
