De klopgeest van de Paets van Troostwijkstraat
| De klopgeest van de Paets van Troostwijkstraat | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Paets van Troostwijkstraat 47, eerste helft van de 20e eeuw | ||||
| Plaats | Den Haag | |||
| Coördinaten | 52° 4′ NB, 4° 20′ OL | |||
| Datum | juli 1951 | |||
| Tijd | voornamelijk in de avonduren[1] | |||
| Locatie | Paets van Troostwijkstraat 47, Laakkwartier | |||
| Oorzaak | slechte staat van de woningen | |||
![]() | ||||
| ||||
De klopgeest van de Paets van Troostwijkstraat verwijst naar een mysterie uit 1951 in het Haagse Laakkwartier, waar in de Paets van Troostwijkstraat onverklaarbare luide en klopgeluiden gehoord werden en die daarom toegeschreven werden aan een poltergeist. De gebeurtenis leidde tot een oploop en politieonderzoek en haalde het landelijk nieuws. Thans wordt gesteld dat de oorzaak van de kloppende geluiden gezocht moet worden in de toenmalige slechte staat van de woningen in de genoemde straat.
Geschiedenis
Klopgeluiden
Vanaf 2 juli 1951 werd in de avonduren gedurende meerdere dagen een reeks mysterieuze klopgeluiden waargenomen in het woonblok van drie boven elkaar gelegen woningen aan Paets van Troostwijkstraat 47 in Den Haag.[2] Het zou klinken alsof er met een zwaar voorwerp tegen een binnenmuur werd geslagen. Aanvankelijk gingen de bewoners ervan uit dat het geluid afkomstig was van een buur die op een laat tijdstip aan het timmeren was, waarbij het geklop doorgaans rond half tien uur stopte. Na ongeveer een week confronteerden de buren elkaar hierover, maar bleek niemand van hen achter het mysterie te zitten. Het geluid was zelfs op straat hoorbaar en uiteindelijk werd de politie ingeschakeld.[3][4] De gebeurtenis kwam voor het eerst op 9 juli in het landelijke nieuws.[5]
Onderzoek
Een team van twaalf agenten inspecteerde de kruipruimte, controleerde de fundering en onderzocht het pleisterwerk dat van de muur afbrokkelde. Daarnaast werden beide verdiepingen continu bemand om uit te sluiten dat de geluiden door een grappenmaker werden veroorzaakt. Er werd geen persoon gevonden die verantwoordelijk kon zijn voor de geluiden. Ook ambtenaren van Bouw‑ en Woningtoezicht voerden een onderzoek uit. Zij vermoedden een relatie van het fenomeen met de bouwvallige staat van het pand.
Na de eerste onderzoeken werd het stil en vertrok de politie. Toen na een tijdje het geklop weer begon, heeft er nog eens een team van twee agenten een tijdje het woonblok in de gaten gehouden. De geluiden vielen bij hun komst echter weer weg, deze keer definitief.
Oploop
Het gerucht van “het spook van de Paets van Troostwijkstraat” liep als een vuurtje door Den Haag en randgemeenten. Uiteenlopende verklaringen deden de ronde. Sommige omwonenden beweerden zwarte, op‑ en neergaande voorwerpen te hebben gezien ter grootte van een naaimachinekap.[6] Anderen suggereerden dat het zou gaan om de geest van een zonderlinge man die ooit van de trap was gevallen en daarbij om het leven was gekomen. Ook circuleerde het verhaal dat een oudere vrouw in het pand zou zijn vermoord en dat ze met haar laatste woorden gedreigd had terug te zullen keren.[2]
De belangstelling voor het huis op nummer 47 nam dermate toe dat het binnen een week tot overlast leidde voor de bewoners.[7] Honderden nieuwsgierigen verzamelden zich voor de woning om de harde slagen te horen.[8] Jongeren vormden spreekkoren met "Wij willen het spook zien", zongen liedjes met verwijzingen naar het kloppen, zoals "Het ding" en "Hoor wie klopt daar kinderen"; en kinderen drukten hun oren tegen de muur om het kloppen te kunnen horen en hun gezichten tegen de ramen van de parterrewoning om de geest te zien. Op stille momenten werd het verzamelde publiek door grappenmakers met "Ssst!" tot stilte gemaand, waarna de grappenmakers in de trant van "Mijn been slaapt" vervolgden.[7][3] Het gros van de aanwezigen vertrok pas tegen middernacht.[9][10]
De toestroom van publiek werd zo groot dat de politie afzettingen moest plaatsen, met voertuigen patrouilleerde en iedereen die het gebied wilde betreden controleerde.[11] Het verkeer moest worden omgeleid en de menigte werd soms met zachte dwang soms met charges uiteengedreven. Echter, steeds wanneer de agenten vertrokken, keerde het publiek terug.[12]
Opmerkelijk was dat de geluiden vanaf het politieonderzoek ongeveer een week uitbleven. Toen de politie de situatie weer liet rusten en de publieke belangstelling afnam, keerden de geluiden terug en dat leidde tot hernieuwde publieke interesse. Nadat opnieuw twee agenten ter plaatse kwamen, stopten de klopgeluiden weer.[13]
In deze periode ontvingen enkele bewoners brieven die waren ondertekend door “Het Spook”, waaronder één in dichtvorm.[14] Ook was er een spookverschijning; dat bleek een meisje te zijn dat gehuld in een wit laken over de daken van de Rijswijkse Tulpstraat liep, recht tegenover de Paets van Troostwijkstraat.[2] Deze gebeurtenissen vormden de laatste uitlopers van het mysterie. De Haagse klopgeest liet niet meer van zich horen.
Zestien dagen nadat het spoken begon berichtten de kranten voor het laatst over de toenmalige actualiteit.[13] Alleen in een oudejaarsrijm in De waarheid werden nog enkele dichtregels aan de gebeurtenis gewijd:
– In die maand [juli] was 't spoken in het Haagje.
– O, je bedoelt de BVD?
– De BVD? Ik vraag je...
Nee, in de Paets van Troostwijkstraat dromden de mensen samen.
En hoorden.. huh.. een vreemde gekraak in deuren en in ramen.
– Een spook? Loop rond! Dan zit ons land boordevol met spoken,
met als familienaam "Verval"....
– Nee, niet de draak gestoken....
....met zulk een vreselijk probleem. Milliarden weggesmeten.
– ....Terwijl de opbouw in ons land eenvoudig wordt vergeten!— Thomasvaer en Pieternel, 31 december 1951[15]
Verklaring
De geluiden leken afkomstig te zijn uit de ruimte tussen de eerste en tweede verdieping. Als verklaring werd onder meer geopperd: verzakking van het pand, gasontsnappingen in de riolering en defecten in de waterleiding. Onbeantwoord bleef de vraag waarom de geluiden vrijwel uitsluitend in de avonduren hoorbaar waren.[16]
In de straat waren meerdere woningen in slechte bouwkundige staat die mogelijk de geluiden veroorzaakten. Een aannemer concludeerde dan ook dat deze verouderde huizen simpelweg “werkten en kraakten”.[17][18] Hoewel de exacte oorzaak nooit vastgesteld is, stelde ook het Haags Gemeentearchief dat de oorzaak van de geluiden in de slechte staat van de woningen gezocht moet worden.[19]
Meer lezen
- De Haagse klopgeest als aanknopingspunt voor andere spookverhalen in In De Haag speurt men onverdroten verder naar de "klopgeest" - Geschiedenis van het spookwezen telt nog vele raadselen, Nieuwe Haarlemsche courant, 13 juli 1951.
- Column over de klopgeest: Oculus, De krant van gisteren, Algemeen Dagblad, 12 juli 1951.
- Bronnen
- Bakel, Lotty van, "'t Spook van de Paets van Troostwijk", Trouw, 9 juli 1976.
- Kaffa, Jan, De Haagse Tijden - Mysterie van de Haagse klopgeest. De Haagse Tijden (2022). Geraadpleegd op 4 november 2025.
- Hoogland, Joyce, Hier in Den Haag zat een klopgeest: 'Wij willen het spook zien'. indebuurt Den Haag (28 oktober 2022). Geraadpleegd op 6 december 2025.
- Referenties en noten
- ↑ "Bouwvalligheid doet huis kraken", De Telegraaf, 10 juli 1951.
- 1 2 3 Bakel (1976)
- 1 2 ""Klopgeest" in Den Haag", de Volkskrant, 10 juli 1951.
- ↑ "Geheimzinnige dreunen in rustige Haagse straat", Deventer dagblad, 10 juli 1951.
- ↑ "Twaalf agenten op zoek naar een "spook" te Den Haag", De Tijd, 9 juli 1951.
- ↑ ""Wij willen het spook zien" - Enorme belangstelling in Den Haag", Nieuw Haarlemsche courant, 10 juli 1951.
- 1 2 "Joelende menigte hief spreekkoren aan", Het Parool, 10 juli 1951.
- ↑ Friezer-Stokvis, Drukte op straat uit belangstelling voor het spook in de Paets van Troostwijkstraat 47, foto van 10 juli 1951. Collectie Gemeentearchief 's-Gravenhage
- ↑ ""Zit er bij U wellicht een spook aan tafel?" - Den Haag lacht en griezelt...", Ons Noorden, 11 juli 1951.
- ↑ ""Wij willen het spook zien!"", De Maasbode, 10 juli 1951.
- ↑ ""Wij willen het spook zien" riepen spreekkoren", Nieuwe Leidsche Courant, 10 juli 1951.
- ↑ "Menigte wacht, maar "geest" blijft weg - Spoorwijk wordt "Spookwijk"; politie voert charges uit", Nieuw Utrechtsch dagblad, 10 juli 1951.
- 1 2 "Het "Hegse" spook was er ook weer", Deventer dagblad, 18 juli 1951.
- ↑ "Haags spook kan dichten", Nieuw Utrechtsch dagblad, 18 juli 1951.
- ↑ Het oude jaar berijmd en wel door Thomasvaer en Pieternel, De waarheid, 31 december 1951
- ↑ "Mysterieuze "klopgeest"", Gazet van Limburg, 10 juli 1951.
- ↑ Kaffa (2022)
- ↑ "Bouwvalligheid doet huis kraken", De Telegraaf, 10 juli 1951.
- ↑ Kortekaas, Petra, #HaagsDNA Laak. Haags Gemeentearchief (30 mei 2024). Geraadpleegd op 6 december 2025.

.svg.png)