David C. Rosenboom
| David C. Rosenboom | ||||
|---|---|---|---|---|
| Algemene informatie | ||||
| Volledige naam | David C. Rosenboom | |||
| Geboortedatum | 9 september 1947 | |||
| Land | ||||
| Opleiding gevolgd aan | Universiteit van Illinois Experimental Music Studios | |||
| Werk | ||||
| Genre(s) | symfonische muziek, HaFaBramuziek | |||
| Beroep(en) | componist, muziekpedagoog, dirigent, pianist, violist, altviolist en slagwerker | |||
| Instrument(en) | piano, viool, altviool, slagwerk, percussie | |||
| Officiële website (en) AllMusic-profiel (en) Discogs-profiel (en) IMDb-profiel (en) MusicBrainz-profiel | ||||
| ||||
David C. Rosenboom (Fairfield (Iowa), 9 september 1947) is een Amerikaans componist, muziekpedagoog, dirigent, pianist, violist, altviolist en slagwerker.
Levensloop
Rosenboom groeide op in de buurt van Fairfield (Iowa) en vertrok later naar Quincy (Illinois). Hij studeerde natuurkunde, systeemtheorie, computerwetenschap, experimentele psychologie en compositie, elektronische en computermuziek en uitvoeringspraktijk onder andere bij Salvatore Martirano, Lejaren Hiller, Kenneth Gaburo, Gordon Binkerd, Bernard Goodman, Paul Rolland, Jack McKenzie, Soulima Stravinsky en John Garvey aan de Universiteit van Illinois te Urbana-Champaign (UIUC).
Aan het einde van de jaren 1960 was hij als fellow van de Rockefeller Foundation aan de State University of New York at Buffalo in Buffalo (New York), verder artistiek coördinator in het New Yorkse multimedia paleis "The Electric Circus", medeoprichter van "Neurona Co." (elektronische research en ontwikkeling in de kunsten) en freelance componist van muziek voor de televisie en andere media. In zijn werken maakt hij gebruik van unieke notatiesystemen, uitgebreide instrumententechnieken, multimedia, live-elektronica en improvisatie zoals in zijn A Precipice in Time, Then We Wound Through An Aura of Golden Yellow Gauze, She Loves Me, She Loves Me Not, ..., And Come Up Dripping, To That Predestined Dancing Place en How Much Better If Plymouth Rock Had Landed On The Pilgrims.
In 1970 werd hij professor en medeoprichter van de "Electronic Media Studios", het "Laboratory of Experimental Aesthetics" en de "Division of Interdisciplinary Studies" aan de muziekafdeling van de York Universiteit in Toronto. Eveneens is hij codirecteur van het innovatieve Aesthetic Research Centre of Canada. Een resultaat van deze uitgebreide studies zijn de boeken Biofeedback and the Arts, Extended Musical Interface with the Human Nervous System en verschillende artikelen in internationale vakbladen.
Met de jaarwisseling 1979/1980 vertrok hij naar Californië, waar hij samen met Donald Buchla aan het Mills College, Oakland (Californië) research deed aan een computergestuurd toetseninstrument Touché. Later werd hij hoofd van de muziekafdeling en directeur van het Center for Contemporary Music, een functie, die ook Darius Milhaud tot 1971 had. In 1990 werd hij benoemd tot decaan van de "School of Music", codirecteur van de "Center for Art, Information and Technology", dirigent van de New Century Players aan het California Institute of the Arts in Santa Clarita. Hij was ook gastprofessor aan de Universiteit van Illinois te Urbana-Champaign (UIUC), het Bard College in New York, het Center for Advanced Musical Studies in Chosen Vale bij Enfield (New Hampshire) en de Ionian University (Ιόνιο Πανεπιστήμιο) in Korfoe.
Rosenboom is zowel bekend als innovator van composities voor instrumenten, elektronica, multimedia, alsook als dirigent en uitvoerend musicus.
Composities
Werken voor orkest
- 1963: Contrasts, voor viool en orkest
- 1966: Caliban Upon Setebos (after Robert Browning), voor kamerorkest
- 1968: mississippippississm, set van gedichten van Emmett Williams voor 32 spelers, die spreken en spelen clavés, optional opgenomen geluidseffecten en dirigent
- 1980: In the Beginning V (The Story), voor kamerorkest
- 1998-1999: Seeing the Small in the Large, (Six Movements for Orchestra), voor orkest
- 1998-1999: Mood–When the Ground Screams uit "Seeing the Small in the Large", voor kamerorkest
- 2001: Continental Divide, cyclische procesmuziek voor kamerorkest in flexibele bezetting van houtblazers, koperblazers, toetseninstrumenten/slagwerk en strijkers (2e versie)
Werken voor harmonieorkest
- 1965: Prelude and Dance Fantastique, voor harmonieorkest
Theaterwerken
Opera's
| Voltooid in | titel | aktes | première | libretto |
|---|---|---|---|---|
| 1994-1995 | On Being Invisible II (Hypatia Speaks to Jefferson in a Dream);
zelf-organiserende, interactieve multi–media kameropera |
1995, Los Angeles, County Museum of Art |
Toneelwerken/Perfomance
- 1967: To Whom It May Concern
- 1967: The Brandy of the Damned, voor geluidsband en interactieve toneelgroep
- 1967: Electrovoice
- 1968: She Loves Me, She Loves Me Not, ..., een geritualiseerd theaterstuk voor live-elektronica, computer, gesproken tekst, visuele effecten (fiber optics en lichtbronnen afhankelijk van geluidamplitudes), twee slide projectors, een overheadprojector, twee muzikale mimen, piano, een groot aantal slagwerkers, die als een soort slagwerkdorp georganiseerd zijn
- 1976: The Naked Truth
- 1976: Rain, A Lament for the Peoples of Chile, samen met George Manupell
- 1977: There Are Sixteen Hours in a Day, Four Days in a Week, Two Weeks in a Month, Seven Months in a Year, The Rest of the Time is Spent Listening and in Contemplation of Fire, samen met George Manupelli
- 1977: Thaddeus Cahill, Deceased (or Drums Mark the End), in samenwerking met George Manupelli, Jacqueline Humbert, M. Moulton, W. Winant, J. Tenney, A. Holloway, M. Byron en C. Arnoldin
- 1978: Throughout: The Coordinated Effect of Attraction and Repetition on Uncoordinated Presence, met George Manupelli en Jacqueline Humbert
- 1979-1982: Daytime Viewing, (in samenwerking met en geïnitieerd door Jacqueline Humbert, theater-/performancewerk met liederen, teksten, fashion show, video, computergrafiek, kostumen en sets
Vocale muziek
- 1976-1978: Androgyny, Broke and Blue, Wild About the Lady, Strong Arms, Grand Canyon Heartache, Clear Light, Younger Lady, Oasis in the Air, samen met Jacqueline Humbert, acht liederen voor zangstem en piano
- 1999: Attunement, meerstemmig (minimaal 6 stemmig) lied en vrij gerealiseerde harmonieën met originele tekst (samen met: Jacqueline Humbert)
Kamermuziek
- 1964: Septet, voor trompet, hoorn, trombone, viool, altviool, cello en piano
- 1964: Continental Divide, cyclische procesmuziek voor toetseninstrumenten en melodisch slagwerk (mallets) (1e versie)
- 1965: Sextet, vijf delen voor strijkkwartet, dwarsfluit en fagot
- 1966: Pocket Pieces, drie delen voor dwarsfluit, altsaxofoon, altviool en slagwerk
- 1966: Trio, korte stukken voor klarinet, trompet en contrabas
- 1966: Chart Pieces, meerdere pagina's bladmuziek voor ieder groot of klein instrumentaal groep
- 1966: A Precipice In Time, voor twee slagwerkers met een verdubbeld trio van piano/celesta, altsaxofoon en cello, vierkanaals soundrotator met luidsprekers rondom het publiek waarbij het gedubbelde trio werd gerealiseerd door via een tevoren opgenomen geluidsband met de tweede partij en het afspelen van de andere partij via (remote)microfoons of door digitale resynthetisering (resynthesizing) van de instrumenten
- 1967: Then We Wound Through An Aura of Golden Yellow Gauze, voor dwarsfluit, trombone, elektrisch gitaar, slagwerk en piano/elektrisch klavecimbel (andere versies zijn door differentieerde ensembles mogelijk) en tekst in verschillende secties door twee acteurs/actrices
- 1978: In the Beginning II (Quartet), voor drie instrumentengroepen: 1) vier cello's, trombone en slagwerk; 2) twee cello's, twee altviolen, trombone en slagwerk; 3) altviool, cello, trombone en slagwerk
- 1979: In the Beginning III (Quintet), voor blazerskwintet
- 1979: In the Beginning: Etude I (Trombones), voor elke aantal trombones
- 1980: In the Beginning: Etude II (Keyboards/Mallets/Harps), voor twee, vier, zes of acht spelers
- 1981: Palazzo uit "Future Travel", voor variabele instrumentatie
- 1987: Champ Vital (Life Field), voor viool, piano en slagwerk
- 1989: Two Lines, voor twee of meer instrumenten en kamerensemble
- 2001: Naked Curvature (Four Memories of the Daimon), voor instrumentaal sextet (dwarsfluit/piccolo, klarinet/basklarinet, viool, cello, piano/Midi keyboard en slagwerk/Midi mallet instrument)
- 2002: Shiftless Drifters, duet voor twee instrumenten
- 2003: On the Seduction of Sapientia rev. van de 1974–75 viola da gamba partituur, The Seduction of Sapientia, voor verschillende andere strijkinstrumenten
- 2003: Zones of Coherence, voor solo of meerdere trompetten
Werken voor piano
- 1964: Six Pieces (Zes stukken)
- 1965: Movement, voor twee piano's
- 1965: Untitled Little Piano Piece
- 1971: Piano Etude I, voor twee piano's
- 1975: 19IV75, voor twee piano's, (samen met: J.B. Floyd)
- 1980: In the Beginning: Etude III (Piano and Two Oranges)
- 1997-1998: Bell Solaris (Twelve Movements for Piano) Transformations of a Theme
- 2004: Twilight Language
- 2006: Tango Secretum
- 2007: Kicking Shadows
- 2007: Kicking Little Shadows
Werken voor verschillende toetseninstrumenten
Werken voor jazzband
Werken voor slagwerk
- 1967: To That Predestined Dancing Place, drie delen voor slagwerkkwartet met theater-/danselementen
Elektronische muziek
- 1968: And Come Up Dripping, voor hobo-solist en elektronica
- 1968: Music for the Play, "Ubu Roi", voor live elektronica met analog computer synthesis
- 1968: Two Pieces for Analog Computer: Music for Unstable Circuits
- 1969-1972: How Much Better if Plymouth Rock Had Landed on the Pilgrims, gevarieerde secties met graduale uitvoering van melodisch, ritmisch en harmonisch material voor creatief samengestelde variabele ensembles met toetseninstrumenten, tokkelinstrumenten, slagwerk, instrumenten die intonatie oefenen (blazers, koperblazers, strijkers, computer gestuurde elektronische en elektroakoestische instrumenten, vogels en buitengeluid
- 1972: Portable Gold and Philosophers’ Stones (music with trills), voor elektronische systemen
- 1972: Patterns for London, in drie delen, voor toetseninstrumenten of uitgebreid instrumentaal ensemble
- 1972: Portable Gold and Philosophers’ Stones (music from brains in fours), voor elektronische systemen
- 1973-1974: The Seduction of Sapientia, voor viola da gamba en elektronische procedures
- 1974: Chilean Drought, samen met Jacqueline Humbert, voor sprekende en zingende stemmen, die van tevoren op geluidsband opgenomen zijn, piano, elektronica, brainwave performer en optioneel slagwerk
- 1976-1977: On Being Invisible
- 1978: Study for On Being Invisible, voor brainwave performer en computermuzieksystemen
- 1978: In the Beginning I (Electronic), voor computer geassisteerde elektronische muzieksystemen
- 1980: In the Beginning IV (Electronic), voor computer geassisteerde elektronische muzieksystemen
- 1981: Future Travel
- Station Oaxaca
- Nazca Liftoff
- Corona Dance
- Time Arroyo
- Desert Night Touch Down
- Palazzo
- Nova Wind
- 1983-1985: Zones of Influence, voor slagwerksolisten met computer geassisteerde elektronische muzieksystemen
- 1984: Keyboard Study for "ZONES", voor computer geassisteerde toetseninstrumenten
- 1987: Systems of Judgment
- 1990: Layagnanam, (in samenwerking met Trichy Sankaran), voor Zuid-Indische mrdangam en computermuzieksystemen
- 1991: Predictions, Confirmations, and Disconfirmations
- 1992: Extended Trio, in samenwerking met Charlie Haden en Trichy Sankaran
- 1992: Lineage, Enactment, Transfiguration, and Transference, ontwikkeld in samenwerking met Anthony Braxton
- 2005: Imaginary Wave Fields
- 2005: Hunter/Hunted, voor acht zangeressen/zangers en interactieve computermuzieksystemen
Bibliografie
- Thomas B. Holmes: Electronic and experimental music: Pioneers in Technology & Composition (Media and Popularculture), Routledge: (23. Januar 2003). 336 p., ISBN 978-0-415-93644-6
- John Zorn: Arcana: Musicians on Music. New York: Granary Books/Hips Road. (2000), ISBN 1-887-12327-X
- Wolfgang Suppan, Armin Suppan: Das Neue Lexikon des Blasmusikwesens, 4. Auflage, Freiburg-Tiengen, Blasmusikverlag Schulz GmbH, 1994, ISBN 3-923058-07-1
- Paul E. Bierley, William H. Rehrig: The heritage encyclopedia of band music : composers and their music, Westerville, Ohio: Integrity Press, 1991, ISBN 0-918048-08-7
- David M. Cummings, Dennis K. McIntire: International who's who in music and musician's directory – (in the classical and light classical fields), Twelfth edition 1990/91, Cambridge, England: International Who's Who in Music, 1991. 1096 p., ISBN 0-948875-20-8
- Bernadette Speach: Composer's Forum. The directory (1987), New York: Composers' Forum, 1987, 100 p.
- Jean-Marie Londeix: Musique pour saxophone, volume II : repertoire general des oeuvres et des ouvrages d'enseignement pour le saxophone, Cherry Hill: Roncorp Publications, 1985
- Larry Polansky: Interview with David Rosenboom, Computer Music Journal. 7 (1983), No. 4, S. 40-44.
- Kathleen M. Toomey, Stephen C. Williams: Musicians in Canada – A bio-bibliographical finding list, Ottawa: Canadian Association of Music Libraries, 1981, 185 p.
- Hellmut Kallman, Gilles Potvin, Kenneth Winters: Encyclopedia of music in Canada, Toronto: University of Toronto, 1981, 1076 p.
- Adrian Gaster: International Who's Who in Music and Musician's Directory, Cambridge: International Who's Who in Music, 1977
Externe links
- (en) Officiële internetpagina (gearchiveerd)
- (en) Biografie