Daniellia alsteeniana

Daniellia alsteeniana
IUCN-status: Gevoelig[1] (2020)
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Fabiden
Orde:Fabales
Familie:Leguminosae (Vlinderbloemenfamilie)
Onderfamilie:Detarioideae
Geslachtengroep:Detarieae
Geslacht:Daniellia
Soort
Daniellia alsteeniana
P.A.Duvign. (1949)
Daniellia alsteeniana op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Daniellia alsteeniana (Bemba: Mukulu-busyika) is een soort uit de vlinderbloemenfamilie (Leguminosae). Het is een loofboom die een groeihoogte tot 25 meter kan bereiken. De rechte en cilindrische stam kan aan de basis een diameter tot 150 centimeter hebben. De boom heeft geveerde bladeren die bestaan uit 4 tot 7 paren deelblaadjes. De boom heeft grote roze bloemen die groeien aan lange takken die boven de bladerrijke kroon uitsteken. Hieruit groeien samengedrukte kommavormige peulen.[2]

De soort komt voor in de tropische delen van Centraal-Afrika, van Zuid-Gabon tot in Noordwest-Zambia.[3] Hij groeit daar in steile hellingbossen en droge wouden op zandgronden, op hoogtes van 350 tot 1400 meter. De boom groeit ook in Miombo-bossen. De soort staat op de Rode Lijst van de IUCN geklasseerd als 'gevoelig'.[1]

De boom wordt in het wild geoogst voor lokaal gebruik van hout en hars. Uit de stam wordt een bruine geurige balsem of oleohars gewonnen. Het wordt gebruikt als vervalsingsmiddel voor copaibabalsem (van Copaifera-soorten) en dient als ontsmettingsmiddel en wordt in fakkels verwerkt. Het hout is gomachtig en wordt gebruikt voor de productie van kratten.[4]