Combretum imberbe

Combretum imberbe
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2018)
Combretum imberbe
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Rosiden
Orde:Myrtales
Familie:Combretaceae
Geslacht:Combretum
Soort
Combretum imberbe
Wawra (1860)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Combretum imberbe op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Combretum imberbe (Afrikaans: hardekool) is een plantensoort uit de familie Combretaceae. Het is een bladverliezende struik of boom die een groeihoogte bereikt tussen 6 en 10 meter. Sommige exemplaren worden hoger, tot aan 20 meter toe. De boom heeft een spreidende kroon en meestal een kromme stam. De kleine bladeren zijn grijsgroen van kleur. De soort staat op de Rode Lijst van de IUCN geklasseerd als 'niet bedreigd'.[1]

De soort komt voor in Afrika, van Tanzania tot in Zuid-Afrika.[2] Hij groeit daar in open bossen en beboste savannes, vooral langs rivieren, op hoogtes van zeeniveau tot 1000 meter. De boom kan op verschillende bodems groeien die varieren van zand tot kalksteen.

Uit de boom wordt een eetbare en vrij heldere gom gewonnen. Verschillende plantendelen vinden hun toepassing in de traditionele geneeskunde. De wortels en bladeren worden verpulverd en gebruikt als middel om maagpijn en diarree te behandelen. Verder worden de wortels ook gebruikt om onvruchtbaarheid bij vrouwen te behandelen. De rook van verbrande bladeren wordt geïnhaleerd als middel tegen hoest, verkoudheid en borstklachten.

De as van het hout wordt soms gebruikt als tandpasta en als vervanger van witkalk om muren van woningen te versieren. Het hout wordt gebruikt voor hekpalen, mijnstutten, spoorbielzen en mortieren. Ook gebruikt de lokale bevolking het hout voor steunpalen in hun hutten.[3]

Bladeren