Etalagebenen

PAV is ook een afkorting voor Project Algemene Vakken.
Esculaap
Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Etalagebenen
Claudicatio intermittens
Synoniemen
Nederlands etalageziekte[1]
Coderingen
ICD-10
ICD-9
I73.9
443.9
DiseasesDB 31142
DOID 3669
eMedicine med/391
emerg/862
MeSH D016491
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Etalagebenen is een lekenterm voor claudicatio intermittens (latijn, letterlijk "mank lopen met tussenpozen"),[1] een van de meest kenmerkende symptomen passende bij de diagnose perifeer arterieel vaatlijden (PAV, oftewel aandoening aan de slagaders buiten het hart). De term refereert aan het veelvuldig stilstaan van patiënten die bij het lopen pijn in de benen ondervinden ten gevolge van een vernauwing of afsluiting van een slagader naar of in de benen.

Oorzaak

De oorzaak van de vernauwing of afsluiting is vrijwel altijd een vetafzetting in de wand van de slagader en verkalking van de wand (atherosclerose). Roken is samen met suikerziekte verreweg de meestvoorkomende oorzaak hiervan. Tijdens het lopen hebben de beenspieren meer zuurstof en dus meer bloed nodig. Bij gebrek aan zuurstof ontstaat verzuring van de spieren, wat de pijnlijke spierkramp veroorzaakt.

Klachten

Door een vernauwing in de bloedvaten treden klachten op als een stekende, krampende pijn, vermoeidheid of een zwaar gevoel in de benen.[2]

De meest typische klacht bij etalagebenen is pijn na een stukje lopen. Na een poosje stilstaan (sommige patiënten gaan dan in een etalage kijken om zich een houding te geven, vandaar de Nederlandse benaming) zakt de pijn weer wat en kan de patiënt weer verder lopen. De afstand die de patiënt nog kan lopen zonder pijn te krijgen is een praktische maat voor de ernst van de aandoening.

De plaats waar de pijn optreedt, zegt iets over de plaats van de vernauwing: die zit meestal flink daarboven.

In het allerergste geval heeft men ook in rust pijn. Dan zijn de bloedvaten zo ernstig vernauwd dat de bloedvoorziening naar de spieren en de huid ook in rust tekortschiet.

Diagnose

Allereerst kan onderzocht worden of in de knieholte (aan de arteria poplitea) en aan de zijkant van de enkel (aan de arteria tibialis) nog pulsaties te voelen zijn. Vervolgens kan de ernst van het perifeer arterieel vaatlijden worden ingeschat met behulp van de enkel-armindex. Hierbij wordt de bloeddrukwaarde aan de enkel gedeeld door de bloeddrukwaarde aan de pols. Als deze waarde tussen de 0,4 en 0,9 ligt is perifeer arterieel vaatlijden zeer waarschijnlijk. Waarden onder de 0,4 duiden op zeer ernstige ischemie van de onderste ledematen, wat gepaard kan gaan met gangreen.

Behandelingsmethoden

Leefmaatregelen

Als de pijn alleen optreedt na inspanning en weer zakt na korte rust, is de eerste behandeloptie gesuperviseerde looptraining onder begeleiding van een fysiotherapeut of oefentherapeut.[3] Door een intensieve looptraining kunnen de klachten afnemen of zelfs verdwijnen.[4][5] Gesuperviseerd oefenprogramma's zijn effectiever vergeleken met een gestructureerd oefenprogramma thuis of vergeleken met het advies om zelf drie maal per week te wandelen. Door gesuperviseerde oefenprogramma’s kunnen deelnemers verder wandelen en hebben ze een hogere levenskwaliteit.[6]

Daarnaast wordt patiënten een gezonde leefstijl geadviseerd: niet roken, gezond eten, voldoende lichaamsbeweging en medicijntrouw. Bij veel patiënten is begeleiding nodig bij een verandering van leefstijl. Met name bij patiënten die roken nemen de verschijnselen meestal snel toe; behandelende chirurgen beschouwen chirurgisch ingrijpen (operaties) bij patiënten die roken (en niet stoppen) als nagenoeg zinloos. Het effect van stoppen met roken is groter dan dat van alle medicijnen die voor deze aandoening worden gegeven bij elkaar.

Aan mensen met een verhoogd risico heeft op cardiovasculaire aandoeningen (of na een infarct) wordt gezonde voeding aangeraden. Het geadviseerde dieet bestaat ruwweg uit een beperking van verzadigde vetzuren. Verzadigde vetzuren dragen bij tot de obstructie van de arterieën (slagaders). Vaak wordt bijkomend een zoutbeperking aangeraden; hiervan is bewezen dat het bloeddrukverlagend werkt.

Dotteren

Soms is het mogelijk het bloedvat ter plaatse van de vernauwing wat op te rekken, het zogenoemde 'dotteren' (angioplastiek), waardoor de doorbloeding weer beter functioneert. In sommige gevallen wordt daarbij een stent geplaatst. Deze ingreep kan meestal poliklinisch gebeuren. De ingreep wordt voorafgegaan door een specifiek vooronderzoek, de angiografie of computertomografie-angiografie (CTA). Het dotteren en het eventueel plaatsen van de stent kan soms ook direct bij dit onderzoek plaatsvinden.

Operatie: revascularisatie/bypass

Indien het dotteren niet afdoende is kan er worden overgegaan op revascularisatie: daarbij wordt een ader, meestal uit hetzelfde been of uit de arm, eerst verwijderd en vervolgens zodanig ingehecht dat daardoor het bloed de vernauwing kan omzeilen. De meest gebruikte methode is het aanleggen van een bypass (omleiding). Hierbij wordt gebruikgemaakt van een goede ader van de patiënt uit een ander deel van zijn lichaam, of van een kunstmatig gemaakt vat. Bij heel ernstige gevallen kan een nieuwe aortabroekprothese nodig zijn, die het onderste deel van de grote lichaamsslagader met de splitsing in twee grote vaten naar de benen vervangt. Er wordt alleen tot een operatie overgegaan bij heel ernstige klachten en als de andere behandelingsmethoden onvoldoende effect hebben.

Indien de operatie niet mogelijk is of niet lukt, is uiteindelijk vaak een amputatie nodig.

Mogelijke complicaties

De kans op complicaties is klein. Mogelijke complicaties kunnen zijn: bloeding, wondinfectie, trombose, arteriële embolie, blaasontsteking, longontsteking of hartinfarct.

Na een operatie zal de patiënt meestal medicijnen blijven gebruiken om het bloed minder stolbaar te maken en zo de kans op trombose te verminderen.

Twijfel

Bij twijfel of er sprake is van etalagebenen is het goed een arts te raadplegen. Bij vroegtijdige diagnose kan direct tot behandeling worden overgegaan en is een operatie niet vaak nodig.