Cienciargentina

Cienciargentina sanchezi

Cienciargentina is een geslacht van plantenetende sauropode dinosauriërs, behorende tot de Diplodocoidea, dat tijdens het late Krijt leefde in het gebied van het huidige Argentinië. De enige benoemde soort is Cienciargentina sanchezi.

Vondst en naamgeving

Bij Villa El Chocón in Neuquén werden in 1995 door Viviana Moro botten gevonden in de vindplaats La Antena aan de noordoever van het stuwmeer van Ezequiel Ramos Mexía, vlak bij de stuwdam. Er bleek een hele fauna aanwezig waaronder een sauropode. Opeenvolgende opgravingen maakten het mogelijk in 2017 een nieuwe soort te beschrijven, Choconsaurus. Daarbij werd gemeld dat zich tussen de resten van Choconsaurus de botten van een tweede sauropodensoort bevonden.

In 2025 werd de typesoort Cienciargentina sanchezi benoemd en beschreven door María Edith Simón en Leonardo Salgado. De geslachtsnaam eert de ciencia Argentina, de "Argentijnse wetenschap". De soortaanduiding eert wijlen Teresa María Sánchez van de Universidad Nacional de Córdoba, de oude mentor van Simón die in 2011 overleed.

Het holotype, MMCH-Pv 45, is gevonden in een laag van de Huinculformatie die dateert uit het CenomanienTuronien, zo'n vierennegentig miljoen jaar oud. Het bestaat uit een skelet zonder schedel. Het omvat een voorste halswervel, twee achterste halswervels, vier ruggenwervels, twee ribben, zeventien staartwervels, vier chevrons, een schouderblad, een borstbeen, een zitbeen, en de achterpoten waaronder beide dijbeenderen, beide scheenbeenderen en beide kuitbeenderen.

Daarnaast zijn er twee paratypen aangewezen. MMCH-PV 54 bestaat uit een rechterzitbeen en een scheenbeen. Het betreft een kleiner individu. Een groter individu is MMCH-PV 55 bestaande uit twee ribben en een kuitbeen.

Beschrijving

Cienciargentina is een middelgrote soort.

De beschrijvers stelden een lange lijst van onderscheidende kenmerken op. Daaronder bevonden zich veel autapomorfieën, unieke afgeleide eigenschappen. Een selectie daaruit werd beklemtoond. De halswervels missen epipofysen, extra uitsteeksels op de achterste gewrichtsuitsteeksels. De voorste ruggenwervels zijn amficoel tot licht opisthocoel, dus met holle uiteinden of een iets bol voorste uiteinde. De achterste ruggenwervels zijn licht opisthocoel. De doornuitsteeksels van de achterste ruggenwervels zijn van voor tot achter verbreed. De middelste en achterste ruggenwervels hebben een richel tussen de achterste gewrichtsuitsteeksels die deze van onderen ondersteunt. De middelste en achterste ruggenwervels hebben per zijde een extra richel tussen het doornuitsteeksel en het zijuitsteeksel. De voorste staartwervels hebben een zijrichel gevormd door de richel tussen het voorste gewrichtsuitsteeksel en het doornuitsteeksel en de richel tussen het achterste gewrichtsuitsteeksel en het doornuitsteeksel, welke samensmelten op het midden van het doornuitsteeksel. Bij de voorste staartwervels is de richel tussen het voorste gewrichtsuitsteeksel en het doornuitsteeksel robuuster dan de richel tussen het achterste gewrichtsuitsteeksel en het doornuitsteeksel. De voorste staartwervels hebben een volle verzameling richels op het zijuitsteeksel, dus een op de voorste onderzijde, een op de achterste onderzijde, een richting voorste gewrichtsuitsteeksel en een richting achterste gewrichtsuitsteeksel. De achterste staartwervels zijn minstens vijfmaal langer dan hoog. De chevrons zijn gevorkt zonder een voorste en achterste uitsteeksel. De kop van het dijbeen is naar boven gericht, ver boven het niveau van de trochanter major uitkomend.

Fylogenie

Cienciargentina werd in de Rebbachisauridae geplaatst, als meest basale lid.

Het volgende kladogram laat de positie zien in de evolutionaire stamboom.

Diplodocoidea 

Uit de Huinculformatie zijn ook de rebbachisauriden Cathartesaura, Limaysaurus en Sidersaura bekend, zij het van iets verschillende ouderdom. Dat zou wijzen op snelle wisselingen in de faunae.

Literatuur