Carya
| Carya | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||||
| Carya cordiformis | ||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| geslacht | ||||||||||||||||
| Carya Nutt. (1818) | ||||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||||
| Carya op | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
Carya is de botanische naam van een geslacht van bomen uit de okkernootfamilie (Juglandaceae). Het geslacht omvat zeventien tot negentien soorten bladverliezende bomen met geveerde bladeren en grote noten.
Van de zeventien tot negentien soorten komen er elf of twaalf van nature voor in de Verenigde Staten, één in Mexico en vijf of zes soorten in China en Indochina. De soort die bekend stond als Carya sinensis wordt nu veelal behandeld als Annamocarya sinensis.
De boom wordt hoger dan 12 m. De schors afschilferend. De twijgen zijn kaal, en hebben een ± 2 cm lange eindknop. Per blad zijn er zijn 5(-7) ovaal-langwerpige niet scherp gezaagde blaadjes van 10-15 cm met haarbundeltjes in de lengte langs de rand. De onderzijde van het blad is aanvankelijk dicht behaard.
De bloemen staan bij elkaar in geelgroene katjes die in het voorjaar opengaan. Bestuiving vindt plaats door de wind: zelfbestuiving is uitgesloten.
De vrucht is een bolvormige of eironde steenvrucht van 2-5 cm lang en met een diameter van 1,5-3 cm in een vierkamerig omhulsel. De schil van de noot is bij de meeste soorten dik en stevig, bij enkele soorten als de pecannoot (Carya illinoinensis) dun. De vruchten zijn geheel openspringend noten met een schaal van 3-5 cm groot. Deze splijten bij rijpheid in twee delen open wanneer het zaad ontkiemt.
Het hout van de boom staat bekend onder de Engelse naam, Hickory, en is bijzonder sterk en veerkrachtig. Het wordt toegepast onder andere voor hamerstelen, wandelstokken, drumstokken, handbogen.
Carya ovata is al sinds 1629 in cultuur.
Soorten
De volgende soorten worden gerekend tot het geslacht Carya:[1]
- Carya alba
- Carya aquatica
- Carya carolinae-septentrionalis
- Carya cathayensis
- Carya cordiformis
- Carya floridana
- Carya glabra
- Carya hudanensis
- Carya illinoinensis - Pecannoot
- Carya kweichowensis
- Carya lacionasa
- Carya leroyii
- Carya luana
- Carya myristiciformis
- Carya ovalis
- Carya ovata
- Carya pallida
- Carya palmeri
- Carya poilanei
- Carya texana
- Carya tonkinensis
Ecologie
De bomen zijn geschikt als voedselplant voor de larven van sommige Lepidoptera soorten waaronder Acrobasis angusella, Acrobasis caryae, Acrobasis caryalbella, Acrobasis caryivorella, Acrobasis cunulae, Acrobasis elyi, Acrobasis evanescentella, Acrobasis exsulella, Acrobasis kearfottella, Acrobasis palliolella, Acrobasis stigmella, Actias luna, Amorpha juglandis, Citheronia regalis, Dasychira basiflava, Dasychira obliquata, de bastaardsatijnvlinder (Euproctis chrysorrhoea), Lytrosis permagnaria, Papilio canadensis, Papilio glaucus glaucus, Satyrium calanus en Satyrium caryaevorum.
Externe links
- Carya in de Flora of North America
- Carya in de Flora of China
- Carya in de Flora of Missouri
- (en) Carya in de NCBI Taxonomy Browser
