Capsomeer

Een capsomeer, samenstelling van eiwitmantel of capside en monomeer, is een proteïnesubeenheid van de capside van virussen. De eiwitmantel is het omhulsel van een virus en bestaat uit eiwitten. De capsomeren beschermen het virus tegen fysische en chemische schade en tegen enzymen. Capsomeren kunnen in verschillende typen worden verdeeld. Een capsomeer heeft meestal de vorm van een regelmatig twintigvlak, maar er komen ook voor met zes vlakken op een hoekpunt. Er is in het midden van elk van de twintig driehoeken af en toe een porie.[1] De helicale capsomeren of protomeren zijn vaak wigvormig en vormen een helixvormig capside. De complexe capsomeren hebben verschillende vormen, zoals de capsiden van pokkenvirussen en hiv.
Door de symmetrische rangschikking van dezelfde eiwitten wordt het virale genoom kleiner, omdat maar één of enkele genen voor de eiwitten voor het capside coderen, waardoor in de loop van een besmetting het immuunsysteem van de gastheer minder mogelijkheden biedt om aan te vallen. Behalve om te verpakken fungeren sommige capsomeren als receptor en spelen zij een rol bij de celfusie. Capsomeren worden in virusachtige deeltjes voor vaccinatie gebruikt.[2]
- voetnoten
- ↑ KC Dent, R Thompson, AM Barker, JA Hiscox, JN Barr, PG Stockley en NA Ranson. The asymmetric structure of an icosahedral virus bound to its receptor suggests a mechanism for genome release, 1993. in Structure 21, 7, juli 2013, blz 1225–1234, ISSN 1878-4186.
- ↑ LH Lua, NK Connors, F Sainsbury, YP Chuan, N Wibowo en AP Middelberg. Bioengineering virus-like particles as vaccines, maart 2024. in Biotechnology and bioengineering 111, 3, blz 425–440, ISSN 1097-0290
- bronvermelding
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Capsomere op de Engelstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.