Camille Looten

Camille Looten
Camille Looten
Persoonsgegevens
Geboortedatum 16 oktober 1855
Geboorteplaats Noordpene
Overlijdensdatum 27 november 1941
Overlijdensplaats Rijsel
Opleiding en beroep
Opleiding gevolgd aan Katholieke Universiteit Rijsel, Universiteit van Parijs, Grand séminaire de Cambrai, Petit séminaire de CambraiBewerken op Wikidata
Beroep katholiek priester, leerkrachtBewerken op Wikidata
Erkenning en lidmaatschap
Lid van Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren, Comité flamand de FranceBewerken op Wikidata
Prijzen en onderscheidingen Prix Bordin (1925),[1] eredoctoraat van de Katholieke Universiteit Leuven (1930)Bewerken op Wikidata
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Camille Looten (Noordpene, 16 oktober 1855 - Rijsel, 27 november 1941) was een Vlaamse priester en promotor van het Vlaamse cultuurgoed in Frans-Vlaanderen.[2]

Levensloop

Camille Looten begon zijn studies in Noordpene, in Frans-Vlaanderen, onder leiding van zijn vader, die er gemeentelijk onderwijzer was. Vervolgens volgde hij een opleiding aan het kleinseminarie van Cambrai en zette zijn studies voort aan de pas opgerichte Katholieke Universiteit van Rijsel, ontstaan na de wet van 1875 over het particulier hoger onderwijs. Hij behaalde in 1877 zijn licentie in de letteren en werd in 1880 in Cambrai tot priester gewijd.

In 1889 promoveerde hij in Parijs met een proefschrift over Joost van den Vondel. In zijn Étude sur Vondel besteedde Looten veel aandacht aan de 16e-eeuwse Robert Garnier, die naar zijn mening van grote betekenis was voor Vondel en diens receptie. Gedurende de periode van december 1899 tot november 1941 vervulde Camille Looten de positie van voorzitter van het Comité flamand de France.[3]

Hij was een belangrijk promotor van de Nederlandstalige Vlaamse cultuur in Frankrijk.[4] Hij gaf onder meer werk van Michiel de Swaen opnieuw uit en publiceerde veel volkenkundige en historische artikelen over Frans-Vlaanderen. In 1903 werd Looten benoemd tot kanunnik van Cambrai en tot decaan van de faculteit der Letteren aan de Katholieke Universiteit van Rijsel, waar hij als hoogleraar Engels verbonden was. Dit decanaat zou hij bekleden tot 1906.[5] De instelling van een leerstoel Nederlandse taal aan de Katholieke Universiteit van Rijsel in 1907 is in grote mate aan zijn inzet te danken.

Hij stond dicht bij abbé Lemire[6] en volgde diens oriëntatie, geïnspireerd door paus Leo XIII, met nadruk op de aanvaarding van het Franse republikeinse regime en aandacht voor sociale vraagstukken. In 1925 kende de Académie française hem de Prix Bordin toe voor zijn werk Shakespeare et la religion. Vanwege zijn verdiensten werd hij in 1927 opgenomen als buitenlands lid van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden en in 1930 benoemd tot erelid van de Koninklijke Vlaamse Academie.

Ondanks herhaalde pogingen om hem met het Legioen van Eer te onderscheiden,[7] wees hij deze onderscheiding in 1935 resoluut af en gaf hij de voorkeur aan discretie en aan de voldoening die voortvloeit uit de correcte uitvoering van zijn werkzaamheden boven elke vorm van officiële erkenning.[8]

Hoewel hij in de jaren 1920 de titel van erevoorzitter van het Vlaamsch Verbond van Frankrijk op zich nam, distantieerde Looten zich vanaf 1928, na waarschuwingen van zijn vriend Lemire, van de irredentistische koers van oprichter Jean-Marie Gantois. Hierdoor slaagde hij erin het Comité Flamand de France te behoeden voor nationalistische uitwassen vóór en collaborationistische compromissen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Kanunnik Looten was een oom van Paul Hazard; hij overleed in 1941 in Rijsel.

Literatuur

  • Nuyttens, Michel (1981) Camille Looten, priester, wetenschapsmens en Frans-Vlaams regionalist, doctoraal proefschrift KU Leuven.[9]
  • Seys, Raf (1985) Camille Looten, in: Lexicon van West-Vlaamse schrijvers, Deel 2, Torhout.

Meer informatie over Camille Looten en zijn correspondentie met Guido Gezelle via www.gezelle.be