Bujinkan

Bujinkan (Japans: 武神館) is een internationale vechtsportorganisatie gevestigd in Japan, in 1972 opgericht en lange tijd geleid door Masaaki Hatsumi. Het vechtsysteem dat door deze organisatie wordt onderwezen bestaat uit negen afzonderlijke ryūha, of scholen, die gezamenlijk worden aangeduid als Bujinkan Budō Taijutsu. De Bujinkan wordt meestal geassocieerd met ninjutsu. Masaaki Hatsumi gebruikt echter de term Budo (wat ‘krijgsweg’ betekent), omdat hij zegt dat de ryūha afstammen van historische samoeraischolen die samoeraikrijgstactieken onderwijzen en ninjutsu-scholen die ninja-tactieken onderwijzen.
De scholen van het Bujinkan
De Bujinkan-organisatie omvat de leer van de vechtkunst tradities (ryūha) die Masaaki Hatsumi onder de vlag van Bujinkan Budo Taijutsu van Takamatsu Toshitsugu heeft geleerd:
- Togakure Ryū Ninpō Taijutsu (戸隠流忍法体術)
- Gyokushin Ryū Ninpō (玉心流忍法)
- Kumogakure Ryū Ninpō (雲隠流忍法)
- Kotō Ryū Koppō jutsu (虎倒流骨法術)
- Gyokko Ryū Kosshi jutsu (玉虎流骨指術)
- Kuki Shinden Ryū Happō Bikenjutsu (九鬼神伝流八法秘剣術)
- Shinden Fudo Ryū Dakentai jutsu (神伝不動流打拳体術)
- Takagi Yoshin Ryū Jūtai jutsu (高木揚心流柔体術)
- Gikan Ryū Koppō jutsu (義鑑流骨法術)
Op 2 december 2019 kondigde Masaaki Hatsumi zijn opvolgers aan voor de bovenstaande scholen:
- Togakure-ryū: Tsutsui Takumi
- Gyokushin-ryū: Kan Jun'ichi
- Kumogakure-ryū: Furuta Kōji
- Kotō-ryū: Noguchi Yukio
- Gyokko-ryū: Ishizuka Tetsuji†
- Kukishin-ryū: Iwata Yoshio
- Shinden Fudō-ryū: Nagato Toshirō
- Takagi Yōshin-ryū: Sakasai Norio
- Gikan-ryū: Sakasai Norio
Training
Bujinkan Budō Taijutsu-training omvat geen deelname aan wedstrijden of competities aangezien de training van de school gericht is op het ontwikkelen van de beoefenaar zelf, zowel fysiek en technisch, maar ook innerlijke balans en harmonie met de omgeving in het dagelijks leven.
In de fysieke en technische training wordt er geleerd om zichzelf en anderen te beschermen met behulp van technieken die erop gericht zijn een aanvaller zo snel en efficiënt mogelijk uit te schakelen, of het verlangen/vermogen om door te gaan weg te nemen. Deze training wordt uitgevoerd op een manier waarbij er vooraf bepaalde “aanvallers” (tori) en “ontvangers” (uke) zijn, vergelijkbaar met oefeningen in andere traditionele Japanse vechtkunsten.
De Bujinkan training de doorloopt de volgende fasen:
- Vooraf vastgestelde reeksen bewegingen (kata) en fysieke conditietraining
- Variaties op de vaste oefeningen (henka), waarbij wordt gereageerd op veranderingen van de aanvaller of omstandigheden
- Vrije vorm training (randori) die voornamelijk bestaat uit spontane, dynamische technieken
- Meer geavanceerde training bestaat uit het beheersen van de geest van de aanvaller met afleiding en manipulatie
Ryū thema's
Sinds 1988 richt Hatsumi zich elk jaar op een bepaalde ryū. Dit betekent doorgaans dat een specifieke ryū, of een bepaalde reeks technieken uit een specifieke ryū, wordt onderwezen. Hatsumi maakte elk jaar tijdens de Daikomyosai het thema voor dat jaar bekend.
Voordat hij de Bujinkan-organisatie oprichtte en de negen ryū gezamenlijk onderwees (met een specifieke jaarlijkse focus), reikte Hatsumi zijn studenten rangcertificaten uit in individuele ryū.
Ryū thema's tot zover
- 2019 - Muto Dori
- 2018 - Muto Dori
- 2017 - Muto Dori
- 2015 - Nagamaki
- 2014 – Shin In Bu Do / Shin (神) god, ziel / In (韻) ritme / Bu (武) krijger / Do (導) de weg, pad
- 2013 – Ken Engetsu no Kagami "mirror of the fullmoon sword" / Tachi Hôken "divine treasure sword" - Ken, Tachi, en Katana
- 2012 – Jin Ryo Yo Go - Kaname, zwaard en rokushakubō
- 2011 – Kihon Happo
- 2010 – Rokkon Shoujou
- 2009 – Saino Kon Ki 才能 魂 器 / Sainou (才能) talent, vaardigheid / Tamashii (魂) ziel, geest / Konki (器) belichaming, capaciteit
- 2008 – Togakure-ryū Ninpō Taijutsu
- 2007 – Kukishin Ryu
- 2006 – Shinden Fudo Ryu
- 2005 – Gyokko-ryū Kosshi jutsu (Bo en Tachi)
- 2004 – Daishou Juutai jutsu (Roppo-Kuji-no Biken)
- 2003 – Juppo Sessho
- 2002 – Jutai jutsu (Takagi Yoshin Ryu)
- 2001 – Kosshi jutsu (Gyokko Ryu)
- 2000 – Koppo jutsu (Koto Ryu)
- 1999 – Kukishinden Ryu
- 1998 – Shinden Fudo Ryu
- 1997 – Jojutsu
- 1996 – Bokken
- 1995 – Naginata
- 1994 – Yari
- 1993 – Rokushakubojutsu
- 1992 – Taijutsu kracht
- 1991 – Zwaard en Jitte
- 1990 – Hanbo
- 1989 – Taijutsu en wapens
- 1988 – Taijutsu
Graden en titels
| Kyu graden | Titel | Dan graden | Titel | Menkyo graden | Titel | Leraar graden | Titel |
| 10de Kyu | Mukyu/Jukyu | 1ste Dan | Shodan | 11de Dan | Chigyo Menkyo | 1e Dan+ | Shidoshi-ho |
| 9de Kyu | Kukyu | 2de Dan | Nidan | 12de Dan | Suigyo Menkyo | 5e Dan+ | Shidoshi |
| 8ste Kyu | Hachikyu | 3de Dan | Sandan | 13de Dan | Kagyo Menkyo | 10e Dan+ | Shihan |
| 7de Kyu | Sichikyu | 4de Dan | Yondan | 14de Dan | Fugyo Menyko | 15e Dan | Dai-shihan |
| 6de Kyu | Rokukyu | 5de Dan | Godan | 15de Dan | Kugyo Menkyo | ||
| 5de Kyu | Gokyu | 6de Dan | Rokudan | ||||
| 4de Kyu | Yonkyu | 7de Dan | Shichidan | ||||
| 3de Kyu | Sankyu | 8de Dan | Hachidan | ||||
| 2de Kyu | Nikyu | 9de Dan | Kudan | ||||
| 1st Kyu | Shokyu | 10de Dan | Judan |
Kyu graden
Het Bujinkan systeem kent een reeks kyū (graden) onder het niveau van shodan. De nieuwe leerling begint bij mukyu (“zonder graad”) en vordert van kukyu (9-kyu), de laagste rang, naar ikkyu (1-kyu), de hoogste kyū graad. Beoefenaars zonder rang (mukyū) dragen witte banden, beoefenaars met een kyu-graad dragen groene banden (mannen) of rode banden (vrouwen), en beoefenaars met een rang van shōdan en hoger dragen zwarte banden.
In Japan was het vroeger gebruikelijk dat mannen op kyu-graad niveau groene banden droegen over een zwarte gi en vrouwen rode banden droegen over een paarse gi, maar deze praktijk is grotendeels in onbruik geraakt. Momenteel dragen zowel mannelijke als vrouwelijke Bujinkan-beoefenaars groene banden over een zwarte gi en aan hun voeten dragen ze tabis (tabi met zachte zolen voor training binnenshuis en jika-tabi voor training buitenshuis) in de meeste dojo's.
Dan graden
Er zijn tien dan-graden in het Bujinkan, waarbij het laatste, judan nog eens vijf rangen kent. Met uitzondering van de 5e dan (godan) zijn er geen vaste criteria voor het behalen van elke graad. Verschillende dojo's hebben hun eigen aanpak, gebaseerd op de culturele omgeving en de voorkeur van de instructeur.
Doorgaans begeleidt de studie van tenchijin ryaku no maki (rollen van hemel, aarde en mens) de voortgang van 9-kyu naar shodan (1e dan) en omvat alle fundamentele technieken die nodig zijn voor verdere gevorderde studie. Tot de 4e dan wordt van de leerling verwacht dat hij zich concentreert op het ontwikkelen van een sterke basis en het perfectioneren van de vorm. Bij de 5e dan verschuift de focus van de training naar het reactiever worden en natuurlijk reageren in dynamische en steeds uitdagender situaties.
Om de 5e dan (godan) te behalen, moeten beoefenaars van de 4e dan zich onderwerpen aan een sakki-test voor de sōke om aan te tonen dat ze in staat zijn om gevaar te voelen en te ontwijken, wat wordt beschouwd als een fundamentele overlevingsvaardigheid. Na het behalen van deze test wordt een beoefenaar beschouwd als beschermd door de Bujin, of leidende geesten.
Shidōshi (士道師)
De titel "shidōshi menkyo" wordt toegekend bij het behalen van de 5de dan. Een shidōshi heeft het recht om een eigen Bujinkan dōjō te openen en studenten te beoordelen tot en met de 4e dan.
In tegenstelling tot de meer gangbare titel "sensei" wordt de titel "shidoshi" gebruikt in het Bujinkan omdat deze meer specifiek is voor de titel "leraar" in de Japanse martial arts, daar waar sensei ook een algemene term is voor leraar buiten de martial arts in Japan.
Shidōshi-ho (士道師補)
Daar waar het nog gebruikt wordt, kan een beoefenaar vanaf de 1e dan een gediplomeerd assistent-leraar (shidōshi-ho) worden als die wordt ondersteund door, en onder toezicht staat van, een shidōshi. Helaas is dit geen officieel gebruik meer en wordt deze titel niet meer uitgegeven.
Shihan (師範)
Shihan is een eretitel voor een expert of meesterinstructeur die duidt op een grondige beheersing van de kunst en een bewezen vermogen om anderen te leiden en te onderwijzen. De titel is meer dan een graad (meestal gehonoreerd vanaf de 10de dan); en staat voor aanzienlijke ervaring, loyaliteit, karakter en autoriteit in de Bujinkan, waardoor een Shihan zich onderscheidt van een meer algemene leraar.
Dai-shihan (大師範)
Dai-shihan is de titel wat “meester”, “grootmeester” of “senior instructeur” betekent. Het is een combinatie van “dai” (大), wat “groot” of “geweldig” betekent, en “shihan” (師範), wat "meesterinstructeur" betekent. In het Bujinkan duidt het op het hoogste niveau van instructeur, wat een grote verantwoordelijkheid inhoudt om als levend voorbeeld te dienen en de kunst voor toekomstige generaties te behouden.