Beijnes

Tegeltableau van de 'Koninklijke Fabriek van Rijtuigen en Spoorwagens', gemaakt ter gelegenheid van het vijftigjarige bestaan (1859-1909).
Fabriekshal in Beverwijk met Amsterdamse gelede trams in aanbouw, 1957

Beijnes, voluit Koninklijke Fabriek van Rijtuigen en Spoorwagens J.J. Beijnes, was van 1838 tot 1963 een Nederlandse fabrikant van rijtuigen, rollend materieel en autobussen. Tot 1950 was het bedrijf gevestigd te Haarlem en daarna in Beverwijk.

Geschiedenis

In 1838 vestigde de timmerman Johannes Jacobus Beijnes zich aan de Riviervischmarkt 7 in Haarlem als wagenmaker. Korte tijd later raakte zijn jongere broer Antonie, die smid was, bij het bedrijf betrokken door de levering van ijzerbeslag.

Het bedrijf, dat vooral spoorwegrijtuigen en -treinstellen en trams bouwde, was vanaf 1859 gevestigd tegenover het station Haarlem op de hoek van het Stationsplein en de Jansweg. Het predicaat Koninklijk werd aan de fabriek verleend in 1875 door koning Willem III. Het fabriekscomplex kreeg in 1891 een spooraansluiting. Op 2 november 1938 werd het eeuwfeest gevierd. Het bedrijf verschafte werk aan vijfhonderd mensen.

Nadat de fabrieksgebouwen in 1868, 1871 en 1898 waren uitgebreid was verdere expansie op het Haarlemse Stationsplein niet meer mogelijk. Daarom werd Beijnes in 1950 verplaatst naar een nieuw fabriekscomplex in Beverwijk volgens een plan dat al uit de jaren dertig dateerde, maar door de Tweede Wereldoorlog was uitgesteld. Er werd speciaal voor de werknemers een halte Beijnes aangelegd aan de spoorlijn Haarlem - Uitgeest, waar in beide richtingen eenmaal per werkdag een trein stopte. Voor het monumentale complex in Haarlem werd een nieuwe bestemming gezocht, maar niet gevonden. In 1958 werd het gesloopt. In 1970 verrees op deze locatie een sport- annex evenementencomplex, waarvan de naam "Beijneshal" aan het verleden herinnert.

In 1959 werd Beijnes overgenomen door de Verenigde Machinefabrieken Stork-Werkspoor (VMF) en in 1963 werd de fabriek gesloten. Tot de laatste door Beijnes gebouwde producten behoren Materieel '54 ("Hondekop")-treinstellen voor de Nederlandse Spoorwegen en gelede trams voor het GVB (Amsterdam).

Auto's en bussen

Door Beijnes werden in de jaren dertig en veertig ook autobuscarrosserieën gebouwd, waaronder diverse series Kromhout-stadsbussen voor de Haagsche Tramweg Maatschappij (HTM). Ook leverde Beijnes in 1947 een serie van 95 Crossley-streekbussen naar Werkspoor-ontwerp aan de dochterondernemingen van de NS. Hiervan bouwde Beijnes zelf 48 stuks, de bouw van de overige 47 werd uitbesteed aan Smit Appingedam.

In de jaren 1958-1961 werden bij Beijnes voor de Zweedse fabrikant Volvo in totaal 1044 personenauto's van de modellen PV544[1] en Amazon[2] geassembleerd.

Portretten van Beijnes-producten