Arthur P. Bagby Jr.

Arthur P. Bagby Jr.
Arthur P. Bagby Jr.
Geboren 17 mei 1833
Claiborne, Alabama
Overleden 21 februari 1921
Hallettsville, Texas
Rustplaats Hallettsville City Cemetery
Hallettsville, Texas
Land/zijde Verenigde Staten
Geconfedereerde Staten van Amerika
Onderdeel United States Army
Confederate States Army
Dienstjaren 1852-1853 (USA)
1861-1865 (CSA)
Rang tweede luitenant (USA)

brigadegeneraal (CSA)

Slagen/oorlogen Amerikaanse Burgeroorlog
Ander werk Advocaat, redacteur

Arthur Pendleton Bagby Jr. (Claiborne, 17 mei 1833 - Hallettsville, 21 februari 1921) was een Amerikaans advocaat, redacteur en militair. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog nam hij dienst in het Confederate States Army. Op 13 april 1864 werd hij bevorderd tot brigadegeneraal door generaal Edmund Kirby Smith en op 16 mei 1865 tot generaal-majoor. Deze bevorderingen tot generaal werden echter nooit goedgekeurd door de Zuidelijke president Jefferson Davis of door de Zuidelijke senaat.[1][2]

Vroege jaren

Arthur Bagby Jr. werd geboren op 17 mei 1833 in Claiborne, Alabama.[3] Hij was de zoon van gouveneur van Alabama Arthur P. Bagby en zijn tweede vrouw Anne Connell.[3] Bagby Jr. liep school in Washington D.C. Daarna begon hij in 1847 aan een militaire opleiding aan de United States Military Academy in West Point.[3] Hij studeerde af in 1852 en werd ingedeeld bij het 8th U.S. Infantry Regiment als gebrevetteerd tweede luitenant.[4][3][5] Tussen 1852 en 1853 was hij gestationeerd in Fort Columbus. Midden 1853 werd hij naar Fort Chadbourne gestuurd. Hij nam op 30 september 1853 ontslag uit het United States Army om rechten te studeren. Twee jaar later werd hij toegelaten tot de balie in Alabama.[3] Hij opende een advocatenkantoor in Mobile, Alabama. In 1858 vestigde hij zich in Gonzales, Texas waar hij eveneens een advocatenkantoor had.[4][3][6] In juni 1860 trad hij in het huwelijk met Frances Taylor.[6]

Amerikaanse Burgeroorlog

Op 12 oktober 1861 nam Bagby dienst in het Confederate States Army. Hij werd benoemd tot majoor in het 7th Regiment of Texas Mounted Volunteers.[3][4] Tussen februari en april 1862 diende hij in het Army of New Mexico, onder leiding van brigadegeneraal Henry Hopkins Sibley, die ingezet werd tijdens de onsuccesvolle invasie van New Mexico.[3] Terwijl Sibley’s hoofdmacht strijd leverde in Valverde en Glorieta Pass werden Bagby’s soldaten ingezet als garnizoenstroepen in de zuidelijke stadjes van New Mexico.[3][7] Bagby werd op 4 april 1862 bevorderd tot luitenant-kolonel.[3][4] Na de terugtocht van Sibley werd Bagby beschuldigd van dronkenschap.[3] Hierop diende hij zijn ontslag in. Dit ontslag werd echter geweigerd door het ministerie van oorlog toen een krijgsraad Bagby onschuldig verklaarde.[3][8] Hij werd op 15 november 1862 bevorderd tot kolonel.[3][4] Hij slaagde erin om met zijn eenheid de USS Harriet Lane te veroveren tijdens de Slag bij Galveston.[7]

Zijn regiment nam op 13 april 1863 deel aan de Slag om Fort Bisland waar hij gewond raakte aan zijn arm. Hij liet zich pas behandelen toen de Noordelijke aanval afgeslagen werd.[3][7][4] Toen brigadegeneraal Thomas Green het bevel kreeg over een divisie werd Bagby aan het hoofd geplaatst van Greens oude brigade.[3] Tijdens de Red Riverveldtocht voerde hij deze brigade aan tijdens onder andere de veldslagen bij Stirling's Plantation, Bayou Bourbeux en Mansfield.[3] Toen het Noordelijke leger, onder leiding van generaal-majoor Nathaniel P. Banks na zijn nederlaag bij Mansfield, zich terugtrok; werd Banks voortdurend lastig gevallen door kleine aanvallen van de brigade van Bagby.[3]

Generaal Edmund Kirby Smith had Bagby reeds voorgedragen ter promotie.[3][4] Toen hier geen antwoord op kwam van de Zuidelijke overheid benoemde Smith hem tot brigadegeneraal op 13 april 1864.[4][9] De brigade van Bagby werd als een van de beste cavlarierbrigade van het Trans-Mississippi Departement beschouwd. Zijn brigade werd onder het bevel van brigadegeneraal Hamilton P. Bee geplaatst tot hij in mei 1864 Bee verving. In september 1864 kreeg Bagby het commando over een nieuwe brigade die bestond uit drie cavalerieregimenten van Texas.[3][4] Begin 1865 stelde Kirby Smith hem aan tot bevelhebber van een cavaleriedivisie.[3][4]

In april en begin mei 1865 hadden de legers onder generaal Robert E. Lee en generaal Joseph E. Johnston zich al overgegeven. De Zuidelijke regering was gevallen, Richmond was veroverd en president Jefferson Davis was gevangen genomen. Toch benoemde Kirby Smith op 16 mei 1865 Bagby tot generaal-majoor.[2][4][9] Maar dit werd nooit officieel bevestigd.[1]

Latere jaren

Na de oorlog vestigde Bagby zich in Victoria, Texas. Hij ging opnieuw aan de slag als advocaat. Tussen 1870 en 1871 was hij assistent-redacteur van de Victoria Advocate,[4][9] een lokale krant. Uiteindelijk verhuisde hij naar Hallettsville, Texas waar hij een vooraanstaand lid werd van de gemeenschap.[9] Samen met zijn echtgenote had hij twee kinderen, namelijk William Taylor Bagby en A. P. Bagby.

Arthur Pendleton Bagby Jr. was de langstlevende officier van zijn klas van West Point.[7] Hij overleed op 21 februari 1921 in Hallettsville, Texas en werd begraven in de lokale City Cemetery.[4][9]

Zie ook