Arnold t'Kint de Roodenbeke

Graaf Arnold François Marie t'Kint de Roodenbeke (Gent, 1 mei 1853 – Bachte-Maria-Leerne, 10 augustus 1928) was een Belgisch diplomaat en politicus voor de katholieken. Tussen 1922 en 1928 was hij voorzitter van de Senaat.
Biografie
Graaf Arnold t'Kint de Roodenbeke was een telg uit de familie T'Kint de Roodenbeke. Hij was een zoon van graaf Henri t'Kint de Roodenbeke, diplomaat, volksvertegenwoordiger, voorzitter van de Senaat en minister van Staat, en trad in diens voetsporen, en Zoé de Naeyer. Arnold T'Kint de Roodenbeke was doctor in de rechten en werd speciaal gezant in Spanje. Na zijn terugkeer naar België werd hij advocaat bij het hof van beroep in Gent.
Als politicus was t'Kint de Roodenbeke provincieraadslid van Oost-Vlaanderen, volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Eeklo (1891-1900) en nadien senator (1900-1928). De laatste zes jaar voor zijn dood was hij Senaatsvoorzitter.
Na de dood van zijn vader werd Arnold t'Kint de Roodenbeke burgemeester van Bachte-Maria-Leerne waar hij op het kasteel van Ooidonk woonde. Tijdens de Eerste Wereldoorlog stelde hij de kelders van het kasteel ter beschikking als schuilkelder voor de inwoners van de gemeente. In 1921 werd hij als burgemeester opgevolgd door zijn zoon, graaf Jean t'Kint de Roodenbeke.
Op 10 augustus 1928 stierf de graaf op het kasteel.
Familie
Graaf t'Kint de Roodenbeke was in 1882 in Den Haag gehuwd met Isabelle de Silva (Isabel Francisca de Borja de Silva y Borchgrave d'Altena) (1857-1940), dochter van Juan Evangelista de Silva Tellez, 7e markies de Arcicollar, en gravin Lucie de Borchgrave d'Altena, zelf een kleindochter van graaf Guillaume de Borchgrave d'Altena. Ze kregen een zoon en een dochter.
- Marie-Louise t'Kint de Roodenbeke (1885-1929), trouwde in 1906 in Bachte-Maria-Leerne met graaf Jean d'Alcantara de Querrieu (1879-1945). Ze kregen drie zoons, onder wie graaf Pierre d'Alcantara di Querrieu, en waren de schoonouders van prinses Stéphanie van Windisch-Graetz.
- Jean (Juan) t'Kint de Roodenbeke (1886-1954), trouwde in 1911 in Brussel met Mathilde de Beauffort (1891-1919), kleindochter van markies Albert de Beauffort, en na haar overlijden in 1921 in Brussel met haar zus Solange de Beauffort (1894-1984). Met zijn eerste echtgenote Mathilde kreeg hij drie zoons, onder wie graaf Henri II t'Kint de Roodenbeke, en een dochter. Uit het tweede huwelijk kreeg hij een zoon en een dochter.
Onderscheidingen
- Grootkruis in de Leopoldsorde
- Burgerlijk Kruis 1ste Klasse,
- Burgerlijk Kruis 2de Klasse 1914-1918
- Mutualiteitsereteken 1ste Klasse
- Regeringsmedaille van koning Leopold II
- Grootkruis Koninklijke Orde van Victoria, Groot-Brittannië
- Orde van Ouissam Alouite, Marokko
- Orde van de Ster, Roemenië
- Orde van Karel III, Egypte
- Orde van Ismaïl, Egypte
- Kroonorde, Italië
- Grootofficier Orde van Isabella de Katholieke, Spanje
- Commandeur Legioen van Eer, Frankrijk
- Ridder Orde van de Nederlandse Leeuw
Literatuur
- M. COOSEMANS 'Baron Arnold t'Kint de Roodenbeke', in Biographie coloniale belge, Brussel, Académie royale des sciences coloniales, vol. 5, 1958.
- Paul VAN MOLLE, Het Belgisch Parlement, 1894-1972, Antwerpen, Standaard, 1972.
- Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1992, Brussel, 1992.
- Jean-Luc DE PAEPE en Christiane RAINDORF-GERARD (red.), Le Parlement Belge, 1831-1894. Données biographiques, Brussel, Académie royale des sciences, des lettres et des beaux-arts de Belgique, 1996.
Externe link
| Voorganger: Paul de Favereau |
Voorzitter van de Senaat 1922 - 1928 |
Opvolger: Charles Magnette |
| Voorganger: Severin Biebuyck |
Burgemeester van Bachte-Maria-Leerne 1884 - 1921 |
Opvolger: Jean t'Kint de Roodenbeke |