Arnold J. Levine

Arnold J. Levine
Persoonlijke gegevens
Volledige naam Arnold Jay Levine
Geboortedatum 30 juli 1939
Geboorteplaats Brooklyn (New York)
Beroep moleculair bioloog, academisch docent, biochemicus, onderzoekerBewerken op Wikidata
Lid van Amerikaanse Nationale Wetenschapsacademie, National Academy of Medicine, American Association for the Advancement of Science[1]Bewerken op Wikidata
Academische achtergrond
Alma mater Caltech, Universiteit van Pennsylvania (1966),[2] Binghamton University (1961)[2]Bewerken op Wikidata
Promotor(s) Harold GinsbergBewerken op Wikidata
Wetenschappelijk werk
Vakgebied(en) Moleculaire biologie, moleculaire genetica
Bekend van tumorsuppressoreiwit p53
Prijzen en erkenningen Paul Ehrlich and Ludwig Darmstaedter Prize (1998),[2] Louisa Gross Horwitz Prize (1998),[3] Albany Medical Center Prize (2001),[2] Keio Medical Science Prize (2000),[4] Onsager Medal (2012),[2] Bristol-Myers Squibb Award for Distinguished Achievement in Cancer Research (1994),[5] Novartis-Drew Award (1995),[2] Komen Brinker Award for Scientific Distinction (1993),[2] Charles S. Mott Prize (1999),[6] Guggenheim-lidmaatschap (1991), Dr. Josef Steiner Cancer Research Award (1993),[2] Camille Dreyfus Teacher-Scholar Awards (1972),[2] AACR-G.H.A. Clowes Award for Outstanding Basic Cancer Research (1998),[7] doctor honoris causa from the Pierre and Marie Curie University (11 oktober 1994)[8]Bewerken op Wikidata
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Arnold J. Levine (30 juli 1939) is een Amerikaans moleculair bioloog. Levine ontving de Louisa Gross Horwitz-prijs voor Biologie of Biochemie in 1998 en was de eerste ontvanger van de Albany Medical Center Prize in Medicine and Biomedical Research in 2001 voor zijn ontdekking van het tumorsuppressoreiwit p53.[9] Momenteel is hij professor systeembiologie in het Institute for Advanced Study aan de Universiteit van Princeton.[10]

Carrière

Levine ontdekte samen met zijn team het tumorsuppressoreiwit p53 in 1979, een eiwit dat betrokken is bij de regulatie van de celcyclus en een van de meest gemuteerde genen bij menselijke kanker. Hij was destijds professor biochemie van Princeton University. In 1979 trad Levine aan als voorzitter het Departement Microbiologie aan de Stony Brook School of Medicine. In 1984 keerde hij terug naar Princeton.

In 2002 werd Levine benoemd tot professor aan het Kankerinstituut van New Jersey in New Brunswick, en vervolgens een deel van de Robert Wood Johnson Medical School. Vrijwel gelijk aan deze benoeming werd Levine gastprofessor en vervolgens professor in Simons Center for Systems Biology aan het Institute for Advanced Study (IAS) in Princeton, New Jersey, waar hij sindsdien is aangebleven.[11]