Arend Nijenhuis
| Arend Nijenhuis | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Arend Nijenhuis vastgelegd door basgitarist Gijs van Dijk (ongedateerd) | ||||
| Algemene informatie | ||||
| Geboortedatum | 1934[1] | |||
| Overlijdensdatum | 21 oktober 2020 | |||
| Overlijdensplaats | Hilversum | |||
| Werk | ||||
| Beroep(en) | muzikant | |||
| Instrument(en) | contrabas, piano | |||
| Invloed(en) | Hans Dulfer, Willem Breuker, Ornette Coleman, Thelonious Monk | |||
| ||||
Arend Nijenhuis (Leiden, 12 april 1934 – Hilversum, 21 oktober 2020)[2] was een Nederlands contrabassist en pianist binnen de alternatieve jazz.
Hij was zoon van Elisabeth Engelina van Hofwegen en militair Lucas Nijenhuis. Hijzelf was op zijn achttiende getrouwd met Sonja Reket (1930-2020), die vier maanden voor hem overleed.[3] Zijn overlijden zou veroorzaakt zijn door een “gebroken hart”. De laatste jaren woonde het paar in Hilversum. Hij liet een dochter en kleinkinderen na.
Hij groeide op in Hilversum. Zijn basis werd gelegd tijdens een onvoltooide gymnasiumopleiding; hij ging trouwen. Hij voelde zich daar “apart” niet alleen voor wat betreft gedrag maar ook met uiterlijkheden. Vanwege zijn recalcitrante houding werd hij “uit huis gezet” en onder voogdij geplaatst. Omdat er brood op de plank moest komen begon hij contrabas te spelen; in zijn ogen vrij eenvoudig. Muzikale voorbeelden waren Thelonious Monk en Ornette Coleman. Andere inkomsten kwamen uit het kopiëren van muziek (dat wil zeggen het uitschrijven van arrangementen tot een pc dat werk kon overnemen) en (parttime) conciërge bij het Hilversums Conservatorium. Hij viel op want na een aantal lessen kon hij zich aansluiten bij het trio van jazzpianist Pim Jacobs, die even later Nijenhuis verving door zijn broer Ruud Jacobs. Ook begeleidde hij The Millers, Don Byas en Tony Vos. Nijenhuis maakte ook deel uit van het Holland Sextet en een trio rondom Jan Huyds. In de jaren 1960-1969 werd hij bassist in de muziekensembles van Misha Mengelberg en diens trio met Han Bennink. Hij werd steeds ongeduriger bij de contrabas; hij vond dat instrument te beperkt. Onder invloed van Hans Dulfer en Willem Breuker begon hij op de saxofoon, slaagde daarin niet, stapte terug naar de basgitaar. Hij struikelde daarbij over zijn eigen perfectionisme en wilde niet meer optreden etc. In 1974 was een verkregen erfenis zijn redding. Hij kon zich vanuit Landgoed Jagtlust te Eemnes vestigen in Kasteel Groeneveld in Baarn, alwaar meer kunstenaars zich hadden gevestigd. Zo woonde de schilder Karel Appel er als ook pornoregisseur Lasse Braun. Hij leerde zichzelf piano en synthesizer spelen en had nog wat over uit die erfenis om dat te betalen. Hij speelde alleen nog met vrienden. Tot publieke uitvoeringen kwam het zelden.
Hij had in cellist Ernst Reijseger met wie hij regelmatig speelde een leerling/volgeling. Hij ging door het leven als de a-commercieelste en ongrijpbare jazzmusicus, aldus een kleindochter.
Nijenhuis werd door Remco Campert in een gedicht omschreven als
In de groezelige nacht: allen dronken, de tedere bassist op andermans bed uitgeteld
- Peter de Waard, Arend Nijenhuis (1934-2020), muzikant die het liefst met vrienden speelde. de Volkskrant (16 oktober 2020). Geraadpleegd op 3 januari 2026.
- Jeroen de Valk, Het bijzondere leven van de vrijgevochten muzikant Arend Nijenhuis. Algemeen Dagblad (1 december 2020). Geraadpleegd op 3 januari 2026.
- Jeroen de Valk voor Jazz Flits, 2 november 2020 (geraadpleegd 3 januari 2025)
- Ben Zwanink: Jazz Bulletin, maart 2021 In memoriam (geraadpleegd 3 januari 2025)
