Archibald C. Godwin

Archibald Campbell Godwin
Brigadegeneraal Godwin
Brigadegeneraal Godwin
Geboren 1831
Nansemond County, Virginia
Overleden 19 september 1864
Winchester (Virginia), Virginia
Rustplaats Stonewall Confederate Cemetery
Winchester (Virginia), Virginia
Land/zijde Geconfedereerde Staten van Amerika
Onderdeel Confederate States Army
Dienstjaren 1861-1864 (CSA)
Rang kolonel (CSA)
brigadegeneraal (CSA) (niet bevestigd)
Eenheid Louisiana Tigers
Bevel Wrights Brigade
Slagen/oorlogen Amerikaanse Burgeroorlog

Archibald Campbell Godwin (Nansemond County, 1831Henrico County, 16 augustus 1864) was een Amerikaans militair tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. Hij werd bevorderd tot brigadegeneraal maar sneuvelde tijdens de Derde Slag bij Winchester voor zijn benoeming bevestigd werd door de Zuidelijke Senaat.

Vroege jaren

Archibald C. Godwin werd geboren in 1831 in Nansemond County, Virginia. Hij was de zoon van Jonathan Lewis Godwin en Julia Campbell. Zijn grootvader was generaal Archibald Campbell.[1] Voor zijn eerste verjaardag werd hij ondergebracht bij Julia Hatton Godwin, zijn grootmoeder.[2] Hij werd opgevoed in Portsmouth, Virginia. Op negentienjarige leeftijd vertrok hij naar Californië waar hij hoopte goud te vinden tijdens de Californische goldrush.[3]

Californië

Het Geysers Hotel

Godwin werd rijk dankzij vee, houthandel, vastgoed en mijnbouw in noordelijk Californië. In 1854 was resideerde hij in Godwin's Place ten westen van de Russian River in Sonoma County (bij het hedendaagse Geyserville). Hij was eigenaar van 640 acres (of bijna 260 hectare) grond en was veehandelaar. Er leefden ongeveer 150 inheemse Amerikanen op zijn eigendom. Daarom werd Godwin aangesteld als Indian agent of tussenpersoon tussen de overheid en de inheemse Amerikanen.[4]

In de buurt bevonden zich warmwaterbronnen die later The Geysers genoemd werden. Godwin bouwde het The Geysers Resort Hotel om toeristen te lokken. Hij ontdekte in 1859 cinnaber-afzettingen op zijn landerijen en diende een claim in om deze afzettingen te mogen delven. Zijn claim werd aangevochten omdat sommigen zijn recht tot het delven van kwikzilver betwisten. Godwin verdiepte zich in de rechtsleer en werd toegelaten tot de balie waardoor hij zichzelf kon vertegenwoordigen in de rechtszaak. (Die hij ook won.)

Godwin engageerde zich eveneens in de lokale politiek en werd in 1855 verkozen tot vrederechter. Hij diende in de raad van bestuur van de Geyser Road committee. Toen hem het nieuws bereikte dat zijn thuisstaat Virginia had gekozen voor secessie plaatste hij een advertentie in de Petaluma Journal om een gerant te vinden voor zijn hotel. De overige eigendommen liet hij achter in de handen van vrienden.[4]

Amerikaanse Burgeroorlog

Godwin keerde terug naar zijn thuisstaat. Hij nam dienst in het Confederate States Army en werd benoemd tot kapitein. Kort daarop werd hij bevorderd tot majoor in het departement van de provoost maarschalk. Godwin werd aangesteld als assistent provoost maarschalk in Libby Prison. President Jefferson Davis gaf Godwin de verantwoordelijkheid over het krijgsgevangenkamp in Salibury. Godwin kreeg al snel de reputatie van overdreven hardvochtigheid en wreedheid tegenover Noordelijke gevangenen. (Na de oorlog gingen er stemmen op om hem te berechten voor zijn misdaden tot ze ontdekten dat hij reeds overleden was.)[5]

Op 17 juli 1862 werd Godwin bevorderd tot kolonel van de 57th North Carolina Infantry Regiment. Hij kreeg zijn vuurdoop tijdens de Slag bij Fredericksburg in december 1862. Nadien werd zijn regiment ingedeeld bij de brigade van brigadegeneraal Robert Hoke en nam onder zijn leiding deel aan de Slag bij Chancellorsville in mei 1863. Hoke raakte gewond en werd vervangen door kolonel Isaac E. Avery. Tijdens de tweede dag van de Slag bij Gettysburg raakte ook Avery gewond. Godwin nam het commando over en bleef bevelhebber van de brigade tot hij op 7 november 1863 werd gevangen genomen. Na een gevangenenruil begin 1864 werd hij vrijgelaten en op 5 augustus bevorderd tot brigadegeneraal. Hij kreeg het bevel over de oude brigade van Hoke in de divisie van generaal-majoor Stephen D. Ramseur.[3]

Archibald C. Godwin sneuvelde op 19 september tijdens de Derde Slag bij Winchester. Zijn bevordering werd hierdoor nooit officieel bevestigd door de Zuidelijke senaat. Hij werd begraven op het Stonewall Confederate Cemetery in Winchester, Virginia. Op Cedar Grove Cemetery in Portsmouth werd een monument opgericht ter ere van Godwin.

Zie ook