Adriaan van Enckevort
| Adriaan van Enckevort | ||
|---|---|---|
| Geboren | 20 augustus 1603 Diest (Brabant) | |
| Overleden | 3 juni 1663 Ledeč nad Sázavou (Heilige Roomse Rijk) | |
| Land/zijde | ||
| Dienstjaren | 1632-1659 | |
| Rang | Generalfeldmarschall | |
| Oorlogen | Dertigjarige Oorlog Frans-Spaanse Oorlog | |
Adriaan van Enckevort (ook geschreven als Enkefort, Enghefurt; Diest, 20 augustus 1603 – Ledeč nad Sázavou, 3 juni 1663) was een uit Brabant afkomstige generaal die in keizerlijke dienst vocht tijdens de Dertigjarige Oorlog.
Biografie
Afkomst
Adriaan van Enckevort stamde af van het van oorsprong Brabantse adellijk geslacht Enckevoirt. Zijn oma, Lysbeth van Enckevoirt, was een jongere zus van kardinaal Willem van Enckevoirt. Zijn vader Jan Lombarts van Enckevoirt was gehuwd met Anna van Hove, de dochter van de burgemeester van Diest. Jan Lombarts diende als luitenant-kolonel in het keizerlijk leger en volgens een afstammingsreeks zou Adriaan diens zoon zijn.[1] De Allgemeine Deutsche Biographie noemt de vader van Adriaan "Willem".[2]
Carrière
De vader van Adriaan was geëmigreerd naar Duitsland en moedigde zijn zoon aan om ook in dienst te treden. Adriaan trad aanvankelijk in dienst van het Keurvorstendom Beieren, maar maakte algauw de overstap naar het leger van Albrecht von Wallenstein. Hij wist zich in diens leger te onderscheiden in onder meer de slag bij Lützen. Na de dood van Wallenstein en Trcka werd Van Enckevort niet gezuiverd. In juli 1635 werd hij kolonel en ging hij deel uitmaken van het leger van Karel IV van Lotharingen.[2]
Vervolgens vocht hij onder Ottavio Piccolomini in de Nederlanden en streed hij aan de zijde van Jan van Werth. Onder hem vocht hij in de slag bij Rheinfelden. Enckevort werd hier samen met Werth gevangen genomen door Bernard van Saksen-Weimar. Hij bleef drie jaar lang gevangen in Parijs voordat hij door middel van een gevangenenruil vrij kwam. Enckevort kreeg een bevordering tot veldmaarschalk en hij trad toe tot de staf van opperbevelhebber Leopold Willem van Oostenrijk. Onder hem vocht hij mee in de tweede slag bij Breitenfeld. In 1645 werd hij door de Zweden gevangen genomen en nadat er losgeld voor hem was betaald kwam hij weer vrij. Hierop werd hij commandant van de provincies Tirol en Voralberg en vervolgens van Zwaben. In 1647 belegerde hij met succes Memmingen, dat zich aan hem overgaf.[2]
Na de slag bij Zusmarshausen kreeg Enckevort in 1647 het opperbevel over de Beierse troepen aangeboden. Hij wist vervolgens het Frans-Zweedse leger in de Slag bij Dachau te verslaan. Kort daarop kwam er een einde aan de oorlog en op 15 mei 1649 werd hij ontslagen uit Beierse dienst. Hij werd vervolgens tot graaf verheven en de keizer stuurde hem in 1656 met een leger naar Noord-Italië om daar Spanje te steunen in hun oorlog tegen Frankrijk. Enckevort lijkt geen prominente rol te hebben gespeeld in deze oorlog.[2]
Huwelijk en kinderen
Op 20 mei 1635 huwde Adriaan van Enckevort met Anna Camilla Verda, gravin van Werdenberg en barones van Grafeneck. Ze kregen vijf kinderen, waaronder Johann Ferdinand Frans (1636-1710), die keizerlijk kamerheer werd.[3]
- ↑ Wilhelmus de Enckenvoirt (1464-1534). Bossche Encyclopedie. Geraadpleegd op 12 september 2025.
- 1 2 3 4 (de) Landmann, Karl Johann Casimir von, Enkevort, Adrian Graf von. Allgemeine Deutsche Biographie. Geraadpleegd op 12 september 2025.
- ↑ Antonio Schmidt‐Brentano, Die kaiserlichen Generale 1618 – 1655. Ein biographisches Lexikon (Wenen 2022) 139-140.