Adelges
| Adelges | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||
| Adelges piceae (larve) | ||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| geslacht | ||||||||||||
| Adelges Vallot, 1836 | ||||||||||||
![]() | ||||||||||||
| Adelges tsugae (adult) | ||||||||||||
![]() | ||||||||||||
| Gallen van Adelges abietis | ||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||
| Adelges op | ||||||||||||
| ||||||||||||
Adelges is een geslacht van plantenluizen dat leeft op coniferen. Ze hebben een complexe levenscyclus; sommige soorten leven uitsluitend op spar, andere weer op een of meer andere soorten conifeer. De voor elke soort karakteristieke gallen worden echter alleen op sparren gevormd.
Meestal zijn er zes generaties nodig om de cyclus van twee jaar te voltooien In het geval van soorten met een alternatieve gastheer worden gevleugelde volwassenen van ongeveer twee mm lang alleen gevormd tijdens de generaties die van de ene gastheer naar de andere verhuizen.
De sparrengal (Adelges lariciatus Patch) komt om het jaar voor op sparren en lariksen van Alberta tot de Maritimes en in aangrenzende delen van de Verenigde Staten. De soort Adelges strobilobius Kaltenbach heeft een vergelijkbaar verspreidingsgebied, maar geeft de voorkeur aan Picea mariana en Picea rubens boven andere soorten Picea.
Het geslacht Adelges omvat 44 soorten verdeeld over acht subgeslachten waaronder:[1]
In Nederland voorkomend:[2]
- Adelges laricis, Vallot 1836 - Lorkluis
- Adelges piceae, Ratzeburg 1844 - Zilversparluis
- Adelges tardus, Deyfus 1888 - Late sparrenluis
Overige:
- Adelges abietis
- Adelges cooleyi
- Adelges tsugae
- Adelges viridanus
.jpg)

