Aartsbisschoppelijk Paleis van Mechelen


Het Aartsbisschoppelijk Paleis van Mechelen is de residentie van de aartsbisschoppen van Mechelen. Het bevindt zich aan de Wollemarkt in Mechelen, vlak bij de Sint-Romboutskathedraal. Het paleis dateert uit de 18e eeuw en heeft tal van renovaties meegemaakt. De stijl van het gebouw is classicisme, wat zich toont in de volgende kenmerken: sobere gevelopbouw, veel horizontalisme en een U-vormig grondplan. Het paleis vertoont invloeden van de Italiaanse architectuur. Achteraan is er een zeer grote tuin.
Geschiedenis
In opdracht van kardinaal Thomas Philippe d’Alsace werd tussen 1719-1741 het aartsbisschoppelijk paleis gebouwd. De kardinaal stelde een Italiaanse architect aan voor het ontwerp; het classicistische karakter en de U-vormige plattegrond zijn hieraan te danken.[1]
Op de site stonden aanvankelijk twee patriciërswoningen die dienst deden als vluchthuis van de abdij van Affligem tot de abdij na 1559 werd toegevoegd aan het aartsbisdom Mechelen. Het vluchthuis, samen met een aanpalende woning, kreeg toen een nieuwe functie als residentie van de Mechelse aartsbisschoppen. In de 17e en 18e eeuw beschikten de aartsbisschoppen daarnaast over een stadspaleis in Brussel.[1]
Het huidige paleis is gebouwd uit drie bepleisterde, witgeschilderde vleugels rond een binnenplaats, zoals voorzien in het Barigioni-plan uit 1741.[1] De noordvleugel werd in 1779 voltooid maar is samen met een deel van de oostvleugel na de Franse revolutie (1798) grotendeels afgebroken door de Franse bezetter, die het gebouw verkocht als nationaal goed. Een deel werd ingericht als brouwerij.[1]
Onder het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden kwam het paleis tussen 1820 en 1823 opnieuw in handen van het aartsbisdom. Hierop volgde een restauratie en vernieuwing onder leiding van hofarchitect Charles Vander Straeten. Behalve aanpassingen aan het interieur (zoals de trapzaal en de ontvangstzalen), bleef de U-vormige plattegrond behouden, en de buitengevels kregen hun laatclassicistisch uizicht.[1]
Sinds 1832 is het paleis onafgebroken de residentie van de Mechelse aartsbisschoppen. Engelbertus Sterckx was de eerste die na de verbouwing introk.
In 1818 kwam het beheer van het domein bij de provincie Antwerpen terecht.[1][2]
Omstreeks 2010 startte de provincie een meerjarige restauratie, beginnend met het dak. Vanaf 2015 werd het hele gebouw in fases aangepakt. In 2023 werden de gevels, ramen en het interieur volledig vernieuwd. De stiltetuin werd heropend en een langlopend beheerplan werd opgezet tot 2038.[2]
Wetenswaardigheden
- Onlangs werd er een portret onthuld van kardinaal Godfried Danneels naar aanleiding van zijn afscheid.
- De inkomsthal, kapel en salons zijn te bezoeken door groepen van maximum 25 personen, tijdens de werkdagen en enkel op afspraak. Zaterdag en zondag is het gesloten.
- De tuin is sinds 23 maart 2019 als stiltetuin enkele dagen per week geopend voor het publiek.
Zie ook
- Refugie van Sint-Truiden (vlakbij, hier zaten het aartsbisschoppelijk archief en later de aartsbisschoppelijke administratie)
- 1 2 3 4 5 6 Aartsbisschoppelijk paleis. Inventaris Onroerend Erfgoed. Geraadpleegd op 15 oktober 2025.
- 1 2 Tuin van het Aartsbisschoppelijk Paleis. Provincie Antwerpen. Geraadpleegd op 15 oktober 2025.