4e Pantserdivisie (Wehrmacht)
| 4e Pantserdivisie | ||
|---|---|---|
![]() | ||
Embleem 4e Pantserdivisie | ||
| Oprichting | 10 november 1938 | |
| Ontbinding | 8 mei 1945 | |
| Land | ||
| Krijgsmachtonderdeel | Wehrmacht | |
| Organisatie | ||
| Specialisatie | Pantsertroepen | |
| Veldslagen | Tweede Wereldoorlog Poolse Veldtocht Fall Gelb Fall Rot Operatie Barbarossa Operatie Taifun Operatie Citadel Operatie Bagration Operatie Doppelkopf Koerlandslagen West-Pruisen | |
| Commandanten | zie commandanten | |
De 4e Pantserdivisie (Duits: 4. Panzer-Division) was een Duitse pantserdivisie in de Tweede Wereldoorlog. Deze pantserdivisie was een van de oorspronkelijke Duitse pantserdivisies en kwam al vanaf het begin in actie, tijdens de Invasie van Polen in 1939. De divisie nam deel aan de Slag om Frankrijk en de Invasie van de Sovjet-Unie en vocht verder aan het Oostfront tot het einde van de oorlog. De divisie capituleerde in Oost-Pruisen in 1945.
| Gebruik van divisie-insigne | |||
|---|---|---|---|
![]() |
![]() |
![]() | |
| 1939 | 1940 en 1943/44 | tijdens Citadel | 1944-1945 |
Oprichting
De 4e Pantserdivisie werd opgericht op 10 november 1938 in Würzburg in Wehrkreis XIII als vervanging voor de 2e Pantserdivisie, die na de Anschluss van Oostenrijk in het voorjaar van 1938 naar Wenen was verplaatst. Vervangend personeel voor de eenheid werd geleverd door Wehrkreise XIII en VII tot en met IX.
De structuur van deze nieuwe divisie was nog ruim opgezet, zoals al de eerste Duitse pantserdivisies. Het gepantserde deel bestond uit een volledige Panzerbrigade (de 5e) met twee Panzerregimenten (Panzerregiment 35 en 36). Daarnaast was er de Schützenbrigade 4 met slechts een Schützenregiment (het 12e).
Krijgsgeschiedenis
Bij het uitbreken van de oorlog was de divisie een van de zes pantserdivisies die tot dan toe waren opgericht. Op 22 augustus werd de eenheid gemobiliseerd. De 3e en 7e compagnie van Panzerregiment 36 werden ontbonden en het regiment werd ingezet met zes compagnieën.
Veldtocht in Polen
Aan het begin van de aanval was de divisie ondergeschikt aan het 16e Gemotoriseerde Korps van het 10e Leger in Heeresgruppe Süd. Met rechts naast zich de 1e Pantserdivisie, rukte de divisie vanuit het gebied Rosenpark/Opper-Silezië, via Krzepice noordoostwaarts op richting Radomsko. Meteen de eerste dag al raakte de divisie in zware gevechten gewikkeld, bekend als de Slag bij Mokra. De Poolse troepen vochten hard en toen de slag ten einde was, had de divisie echt zware verliezen geleden: zo'n 100 tot 150 tanks en verkenningsvoertuigen waren uitgeschakeld, waarvan ongeveer 50 totale verliezen plus ongeveer 800 slachtoffers aan doden, gewonden, gevangenen en vermisten.
Vanuit het gebied van Radomsko rukte de divisie verder op in het gebied ten zuiden van Łódź. Van daaruit trok ze verder naar de Weichsel. De divisie brak door de Poolse verdediging en was de eerste Duitse eenheid die na zeven dagen de westelijke buitenwijken van Warschau bereikte. Pogingen om de stad binnen te dringen mislukten opnieuw, waarbij ze zware verliezen leden vanwege de Poolse tegenstand. Om de Poolse hoofdstad te omsingelen, ging de divisie over tot de verdediging langs de Bzura, een zijrivier van de Weichsel. Er volgde een gevecht, bekend als de Slag om de Bzura, dat resulteerde in verdere zware verliezen voor de divisie. De gevechten om Warschau en het fort van Modlin duurden tot eind september.
De divisie keerde daarop terug naar de kazernes en had 504 gesneuvelden en 547 gewonden te betreuren. Verder waren 94 tanks beschadigd of vernietigd. De divisie werd na afloop van deze veldtocht overgebracht naar het westen en werd op 27 november ingedeeld bij Heeresgruppe B aan de Nederrijn als reserve van het 6e Leger.
Een belangrijke verandering was dat op 18 oktober 1939 het 33e Gemotoriseerde Infanterieregiment onder bevel van de divisie kwam, waarmee er dus meer balans tussen gepantserde troepen en infanterie werd gebracht. Na het afronden van de opfris vertrok de divisie in februari 1940 naar de Eifel. Kort voor het begin van de veldtocht in het westen, verzamelde de divisie zich in de omgeving van Aken.
Westen 1940: 1e fase

Vanaf 10 mei 1940 nam de divisie deel aan de inval in het westen, Fall Gelb, als onderdeel van het 16e Gemotoriseerde Korps. Van 12 tot 14 mei vond er een botsing met geallieerde tanks plaats in de omgeving van Hannuit. De divisie vocht deze slag uit aan de zijde van de 3e Pantserdivisie. General der Kavallerie Hoepner en zijn troepen vormden een zwaartepunt voor de aanval en braken door de Franse frontlinie, om op 14 mei Perwijs te bereiken . Op 15 mei viel de divisie de Franse Dijle-stelling bij Gembloers – Ernage aan. De eenheid achtervolgde vervolgens de terugtrekkende Franse troepen tot aan het Kanaal Charleroi-Brussel. De gevechten duurden voort ten zuidwesten van Maubeuge rond het Bos van Mormal tot 20 mei. Voor de verdere aanval werd de divisie ondergeschikt gemaakt aan het 39e Gemotoriseerde Korps ten westen van Cambrai, in de omgeving van Arras. Een doorstoot over het Canal d'Aire richting Béthines / Armentières omsingelde sterke Franse troepen in de omgeving van Lille.
Frankrijk 1940: 2e fase
Voor de 2e fase stelde de divisie zich op rond Abbeville. Ze stootte door de Weygand-Linie rond Forges-les-Eaux en rukte op naar de Seine. Na de inname van Rouen volgde van 10 tot 13 juni de omsingelingsslag om Saint-Valery-sur-Somme. Daarna volgde een snelle opmars via Alençon Bretagne in. De veldtocht eindigde voor de divisie met de inname van Brest op 19 juni 1940. Tijdens de veldtocht had de divisie 518 gesneuvelden en 1531 gewonden te betreuren en gingen 86 tanks verloren.
Na de Wapenstilstand van 22 juni 1940 bleef de divisie als bezettingsmacht rond Brest en in Bretagne aanwezig en keerde rond 5 juli 1940 naar de Heimat terug. Op 4 september 1940 moest de divisie het Panzerregiment 15 afgeven aan de nieuwe 11e Pantserdivisie. Meteen daarna vertrok de divisie naar de Beskiden. In de Slag om Frankrijk (Fall Rot) viel de divisie vanaf 5 juni aan vanuit het Duitse bruggenhoofd aan de Somme in het gebied van Péronne richting Roye. Bij Fonches-Étalon brak de divisie door de Weygandlinie en bereikte Roye op 8 juni. Van daaruit ging het naar het gebied ten zuiden van Saint-Quentin, waar de divisie vervangingen kreeg en reparaties onderging. Op 12 juni begon het een verdere opmars naar het zuiden, waarna het na het oversteken van de Marne nog 20 km verder oprukte richting Sézanne –Romilly-sur-Seine. Er werd een bruggenhoofd gevestigd over de Seine bij Romilly-sur-Seine. Vanaf 14 juni volgde de divisie de Franse troepen in zuidoostelijke richting en bereikte het gebied Dijon-Pontarlier- Dole nabij de Zwitserse grens. Met het 16e Gemotoriseerde Korps rukte de divisie verder naar het zuiden op tussen 20 en 26 juni, passeerde Lyon en bereikte uiteindelijk het gebied ten noorden van Valence op 24 juni 1943.
Na de wapenstilstand werd de divisie aanvankelijk ingezet als bezettingsmacht aan de Isère. In juli 1940 verhuisde de eenheid naar het gebied rond Auxerre, waar de trainingen en oefeningen begonnen voor een verwachte aanval op Engeland, Unternehmen Seelöwe.
Op 11 november 1940 werd Panzerregiment 36 overgeplaatst naar de 14e Pantserdivisie als onderdeel van de reorganisatie van de pantserdivisies.
Invasie in de Sovjet-Unie
In mei 1941 verhuisde de divisie naar Oost-Pruisen en begin juni werd ze gestationeerd in het oostelijke generaal-gouvernement.
Tijdens Operatie Barbarossa, vanaf 22 juni 1941, was de divisie ondergeschikt aan het 24e Gemotoriseerde Korps, dat weer ondergeschikt was aan Panzergruppe 2 onder Heinz Guderian, dat op zijn beurt ondergeschikt was aan Heeresgruppe Mitte. Meteen de eerste dag van de veldtocht stak de divisie de Westelijke Boeg over bij Kodeń, ten zuiden van de vesting Brest-Litovsk, samen met de 3e Pantserdivisie , en rukte via Sloetsk op naar de Berezina bij Bobruisk. Daarna werd er deelgenomen aan de omsingelingsslag om Kiev in augustus/september 1941. De divisie rukte van oktober tot begin december 1941 als onderdeel van Panzergruppe 2 tijdens de opmars naar Moskou en de Slag om Moskou op via Orel. Van 6 tot 24 oktober volgden zware gevechten rond Mtsensk. Daarna ging het weer verder naar de regio Toela, maar net noordoostelijk van deze stad bleef de divisie steken en kwam niet verder. Nadat de Sovjets in de tegenaanval gingen, moest de divisie terug naar het gebied zuidelijk van Soechinitsji. Hier kon de divisie het front houden en bleef dar tot zomer 1942. Vanaf juni 1942 lag de divisie iets zuidelijker, rond Mtsensk langs de Oka en bleef hier op dezelfde tot februari 1943. Gedurende het gehele jaar 1942 beschikte de divisie over slecht een klein aantal tanks.
Oostfront 1943
Eind januari 1943 kreeg Panzerjäger-Abteilung 49 zo’n 27 Marder II tankjagers geleverd en aan de divisie werd Sturmgeschütz-Abteilung 904 toegevoegd. Hiermee werd eindelijk weer slagkracht toegevoegd. Tussen 29 januari en 25 februari 1943 vocht de divisie hard rondom Koersk, maar moest deze stad opgeven en terugtrekken. Begin maart volgden gevechten bij Romny en van 8 tot 27 maart tussen Novgorod-Severski en Sevsk. Na deze gevechten werd de divisie teruggetrokken van het front voor rust en herbouw.
Bij de start van Operatie Citadel op 5 juli 1943, was de divisie legerreserve, maar het pantserregiment was wel meteen in actie bij het 47e Pantserkorps. De hele divisie kwam in actie op 8 juli en daarop volgden twee zware dagen van gevechten rond Ol'khovatka en Temploe. Op 10 juli volgde nog een laatste krachtsinspanning, toen Pantsergrenadierregiment 33 samen met Schwere Panzer-Abteilung 505 oprukte vanuit Temploe. Maar ook deze aanval strandde en dat min of meer het einde van de Duitse aanval in de noordelijke sector van de Koersk-saillant. Twee dagen later begon het Sovjet tegenoffensief (Operatie Kutuzov) waarna de divisie gestaag moest terugtrekken.
Na de Duitse terugtrekking uit de Orel-salliant werd de divisie ondergeschikt gemaakt aan het 2e Leger en verdedigde de Desna-sector in het gebied van Brjansk. Nadat de Sovjets begin oktober bij Kiev de Dnjepr waren overgetrokken, kwam de divisie gedurende de rest van het jaar in actie langs de Pripjat. Eerst gedurende enkele weken bij Tsjernobyl tot deze stad op 16 november opgegeven moest worden. Daarna volgde een terugtrekking en een tegenaanval bij Parichi en later bij Ozarichi. Tegen 25 december 1943 flauwden deze gevechten af.
Oostfront 1944


De divisie bleef rond Ozarichi tot eind maart 1944, toen ze haastig werd verplaatst om deel te nemen aan het ontzet van de belegerde stad Kovel. Sterke Duitse eenheden zaten hier ingesloten. Op 4 april 1944 werd met een ontzettingsaanval van de 131e Infanteriedivisie, de 4e en 5e Pantserdivisie en de 5e SS-Pantserdivisie Wiking verbinding gemaakt met de Duitse linies. Binnen twee dagen waren alle troepen en tanks bevrijd uit de omsingeling. De divisie bleef in dit gebied totdat op 22 juni 1944 Operatie Bagration losbarstte. Kort daarvoor had de divisie eindelijk zijn I. (Panther) Abteilung teruggekregen. De divisie werd na enkele dagen op treintransport gezet om te pogen gaten in het front te dichten. De divisie kwam in actie rond Timkovitsji en Baranovitsji vanaf eind juni 1944 en moest in de maand juli terug via Slonim, Svisloch naar Bielsk Podlaski. Medio juli 1944 kreeg de divisie versterking van (opnieuw) Sturmgeschütz-Abteilung 904 met 17 StuG III’s en Schwere Panzer-Abteilung 507 met 12 Tiger I’s. Dit bracht het totaal aan tanks en gemechaniseerde kannonnen in de divisie op een totaal van 234 stuks, waarmee de divisie een van de sterkste in de WEhrmacht wa sop dat moment. Eind van de maand kon de divisie succesvol een tegenaanval plaatsen bij Kleszczele, waardoor daar de situatie geklaard werd. Van 1 tot 4 augustus 1944 nam de divisie succesvol deel aan de Tankslag bij Wołomin, waarbij vier Duitse pantserdivisies het Sovjet 3e Tankkorps vernietigden. Op 3 augustus 1944 werden het 1071e Grenadierregiment gebruikt om de divisie aan te vullen, waarna deze eenheid werd ontbonden. Vanaf 11 augustus volgde een verplaatsing noordelijker (naar Litouwen) en de divisie nam meteen deel aan Operatie Doppelkopf van 16 - 27 augustus 1944 en vervolgens medio september aan Operatie Cäsar. Beide operatie hadden als doel de terugtochtroute door Riga open te maken/houden.
Nadat op 9 oktober 1944 de Sovjets met hun Memeloffensief de Heeresgruppe Nord in Koerland hadden ingesloten, was de divisie deel van deze legergroep. De divisie was een belangrijke “brandweer” tijdens de eerste drie Koerlandslagen. De divisie kwam daarbij telkens de onder druk staande infanteriedivisies ondersteunen bij de zware Sovjetaanvallen.
De laatste gevechten in West-Pruisen in 1945
Op 8 januari 1945 kreeg de divisie bevel zich uit de frontlijn los te maken en in reserve te gaan. Op 19 januari 1945 begon zeetransport van de divisie naar Danzig, om mee te gaan helpen om het Sovjet Oost-Pruisenoffensief te stoppen. Wel moest de divisie al zijn (73) tanks in Koerland achterlaten. Vrijwel meteen na aankomst werd de onvolledige divisie ingezet bij gevechten westelijk van Graudenz. In de daaropvolgende periode werd ook de tanksituatie langzaam verbetert met nieuwe toevoer en zelfs met een gedeeltelijke aanvoer van de oude tanks uit Koerland. In de daaropvolgende kleine twee maanden werd de divisie door de Sovjet overmacht steeds verder teruggedrongen. Tegen eind maart 1945 woedden hevige gevechten om Danzig en op 30 maart werd de stad opgegeven. De resten van de divisie trokken zich nu terug in de Weichseldelta. De laatste 5 weken van de oorlog was de divisie nog in actie op de Frische Nehrung. Hier was de divisie met zijn laatste tanks het korset voor de resten van enkele infanteriedivisies. Stap voor stap moest hier teruggeweken worden.
Einde
De 4e Pantserdivisie capituleerde op 8 mei 1945 in de Weichseldelta en ging in Sovjet gevangenschap.
Decoraties
Leden van de 4e Pantserdivisie kregen onder andere 84 Ridderkruizen en meer dan 18.000 IJzeren Kruizen toegekend . Daarmee werd de divisie beschouwd als de meest gedecoreerde divisie van het Duitse leger.
Slagorde
1940 Frankrijk
- Panzerbrigade 5
- Schützen-Brigade 4
- Schützen-Regiment 12
- Schützen-Regiment 33
- Kradschützen-Bataillon 34
- Artillerie-Regiment 103
- Panzer-Aufklärungs-Abteilung 7
- Panzerjäger-Abteilung 49
- Pionier-Bataillon 79
- Nachrichten-Abteilung 79
- Nachschubtruppen 84
1943 Oostfront
- Panzerregiment 35
- Panzer-Grenadier-Regiment 12
- Panzer-Grenadier-Regiment 33
- Panzer-Artillerie-Regiment 103
- Heeres-Flak-Artillerie-Abteilung 290
- Panzer-Aufklärungs-Abteilung 4
- Panzerjäger-Abteilung 49
- Panzer-Pionier-Bataillon 79
- Panzer-Nachrichten-Abteilung 79
- Panzer-Versorgungstruppen 84
- Feldersatz-Bataillon 103
Vanaf 24 september 1943 werd de I. Abteilung van Panzerregiment 35 in de Heimat omgevormd naar de Panther en kwam pas medio juni 1944 terug bij het regiment.
Tanksterkte
De tanksterkte van de Panzerregimenten 35 en 36 naar datum geeft een goed beeld van startsterktes bij offensieven, verliezen en aanvullingen over de jaren.
| Datum | PzKw I | PzKw II | PzKw III (kort) |
PzKw III (lang) |
PzKw III (75) |
PzKw IV (kort) |
PzKw IV (lang) |
PzKw V | StuG | PzBefw | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 september 1939 | 183 | 130 | - | - | - | 12 | - | - | - | 16 | 341 |
| 1 januari 1940 | 155 | 113 | 12 | - | - | 20 | - | - | - | 26 | 326 |
| 10 mei 1940 | 135 | 105 | 40 | - | - | 24 | - | - | - | 10 | 314 |
| 22 juni 1941 | - | 44 | 31 | 74 | - | 20 | - | - | - | 8 | 177 |
| 1 juli 1942 | - | 13 | 28 | - | - | 5 | - | - | - | 2 | 48 |
| 18 november 1942 | - | 2 | 12 | - | - | 5 | - | - | - | - | 19 |
| 13 maart 1943 | - | 36 | - | - | - | 36 | |||||
| 1 juli 1943 | - | - | - | - | 15 | 1 | 79 | - | - | 6 | 101 |
| 31 mei 1944 | - | - | - | - | - | - | 70 (68) | - | - | - | 70 (68) |
| 21 juli 1944** | - | - | - | - | - | - | 84 (21) | 67 (13) | 20 (0)* | 6 (6) | 177 (40) |
| 27 juli 1944** | - | - | - | - | - | - | 75 (29) | 68 (32) | 19 (5)* | 6 (6) | 168 (72) |
| 1 augustus 1944** | - | - | - | - | - | - | 63 (28) | 67 (19) | 18 (10)* | 4 (4) | 152 (61) |
| 17 oktober 1944 | - | - | - | - | - | - | ? (5) | ? (21) | ? (2)* | - | ? (28) |
| 19 januari 1945 | - | - | - | - | - | - | 73 | - | - | 73 | |
| 15 maart 1945 | - | - | - | - | - | - | 5 (2) | 15 (7) | 3 (2) | - | 23 (11) |
Details over de in de tabel genoemde tank-types:
- PzKw I = Panzerkampfwagen I
- PzKw II = Panzerkampfwagen II
- PzKw III (kort) = Panzerkampfwagen III t/m Ausführung J
- PzKw III (lang) = Panzerkampfwagen III vanaf Ausführung J
- PzKw III (75) = Panzerkampfwagen III Ausführung N
- PzKw IV (kort) = Panzerkampfwagen IV t/m Ausführung F1
- PzKw IV (lang) = Panzerkampfwagen IV vanaf Ausführung F2
- PzKw V = Panzerkampfwagen V Panther
- StuG = meest Sturmgeschütz III
- PzBefw = Panzerbefehlswagen (verschillende typen)
- ) De genoemde zijn eigenlijk Jagdpanzer IV
- ) Medio juli 1944 werd de divisie ook nog versterkt met (initieel) 17 StuG III’s and 12 Tiger I’s, deze zijn niet in de tabel opgevoerd, aangezien ze niet organiek bij de divisie hoorden.
Als twee getallen genoemd worden, betekent dit: aanwezig (inzetbaar), bijvoorbeeld 61 (20).
Bovenliggende bevelslagen
| Legerkorps | Leger | Legergroep | Plaats/regio | Begin | Eind |
|---|---|---|---|---|---|
| 16e Gemotoriseerde Korps | 10. Armee | Heeresgruppe Süd | Polen | 1 september 1939 | 9 september 1939 |
| 16e Gemotoriseerde Korps | 8. Armee | Heeresgruppe Süd | Polen | 10 september 1939 | 13 september 1939 |
| 16e Gemotoriseerde Korps | 10. Armee | Heeresgruppe Süd | Polen | 13 september 1939 | oktober 1939 |
| direct onder bevel | 6. Armee | Heeresgruppe B | Nederrijn | 27 november 1939 | 29 januari 1940 |
| 4e Legerkorps | 4. Armee | Herresgruppe B | Eifel, België | 30 januari 1940 | 10 mei 1940 |
| 16e Gemotoriseerde Korps | 6. Armee | Heeresgruppe B | Maastricht, Lille, Peronne, Grenoble | 11 mei 1940 | 13 juli 1940 |
| 28e Legerkorps | 2. Armee | Heeresgruppe C | Frankrijk | 13 juli 1940 | 25 juli 1940 |
| 15e Gemotoriseerde Korps | 2. Armee | Heeresgruppe C | Frankrijk | 25 juli 1940 | november 1940 |
| 39e Gemotoriseerde Korps | 1. Armee | Heeresgruppe D | Frankrijk | november 1940 | |
| 47e Gemotoriseerde Korps | 11. Armee | Heeresgruppe C | Heimat | december 1940 | |
| direct onder bevel | Heeresgruppe C | Heimat | januari 1941 | ||
| 39e Gemotoriseerde Korps | 7. Armee | Heeresgruppe D | Frankrijk | februari 1941 | |
| direct onder bevel | Heeresgruppe B | Ostpreußen | mei 1941 | ||
| 24e Gemotoriseerde Korps | Panzergruppe 2 | Heeresgruppe Mitte | Gomel, Kiev | 26 mei 1941 | 5 oktober 1941 |
| 24e Gemotoriseerde Korps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Toela | 5 oktober 1941 | 25 december 1941 |
| 53e Legerkorps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Toela | 25 december 1941 | 26 december 1941 |
| 24e Gemotoriseerde Korps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Toela | 26 december 1941 | 27 december 1941 |
| 53e Legerkorps | 22. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Toela, Orel | 27 december 1941 | 8 januari 1942 |
| 24e Gemotoriseerde Korps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel | 8 januari 1942 | 23 januari 1942 |
| 47e Gemotoriseerde Korps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel | 23 januari 1942 | 31 mei 1942 |
| 35e Legerkorps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel | 31 mei 1942 | 28 januari 1943 |
| direct onder bevel | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 28 januari 1943 | 10 februari 1943 |
| 13e Legerkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 10 februari 1943 | 11 februari 1943 |
| direct onder bevel | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 11 februari 1943 | 17 februari 1943 |
| 13e Legerkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 17 februari 1943 | 25 februari 1943 |
| direct onder bevel | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 25 februari 1943 | 8 maart 1943 |
| 55e Legerkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 8 maart 1943 | 16 maart 1943 |
| 20e Legerkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 16 maart 1943 | 30 maart 1943 |
| 47e Pantserkorps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 30 maart 1943 | 1 april 1943 |
| 20e Legerkorps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 1 april 1943 | 4 april 1943 |
| 47e Pantserkorps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 4 april 1943 | 22 april 1943 |
| 20e Legerkorps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 22 april 1943 | 30 april 1943 |
| 47e Pantserkorps | 2. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | 30 april 1943 | |
| direct onder bevel | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | juli 1943 | ||
| ?? | 9. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | begin juli 1943 | medio juli 1943 |
| direct onder bevel | 9. Armee | Heeresgruppe Mitte | Orel, Koersk | augustus 1943 | |
| 56e Pantserkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Desna, Gomel, Pripjet | eind augustus 1943 | |
| 56e Pantserkorps | 9. Armee | Heeresgruppe Mitte | Bobruisk | februari 1944 | |
| 41e Pantserkorps | 9. Armee | Heeresgruppe Mitte | Bobruisk | maart 1944 | |
| 56e Pantserkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Kovel | april 1944 | |
| direct onder bevel | 4. Panzerarmee | Heeresgruppe Nordukraine | Kovel | mei 1944 | eind juni 1944 |
| Korps Harteneck | 2. Armee | Heeresgruppe Mitte | Boeg, Narev | eind juni 1944 | |
| 39e Pantserkorps | 3. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Litouwen, Koerland | 12 augustus 1944 | 27 september 1944 |
| 39e Pantserkorps | Armee-Abteilung Grasser | Heeresgruppe Nord | Letland | 27 september 1944 | 6 oktober 1944 |
| 39e Pantserkorps | 18. Armee | Heeresgruppe Nord | Koerland | 7 oktober 1944 | medio oktober 1944 |
| 10e Legerkorps | 18. Armee | Heeresgruppe Nord | Koerland | medio oktober 1944 | |
| VI SS-Korps | 16. Armee | Heeresgruppe Nord | Koerland | januari 1945 | 9 januari 1945 |
| ?? | 2. Armee | Heeresgruppe Weichsel | West-Pruisen | 23 januari 1945 | |
| 7e Pantserkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Weichsel | West-Pruisen | februari 1945 | |
| 46e Pantserkorps | 2. Armee | Heeresgruppe Weichsel | West-Pruisen | maart 1945 | |
| 23e Legerkorps | 2. Armee | OKH | West-Pruisen | 7 april 1945 | |
| 23e Legerkorps | Armee Ostpreußen | OKH | West-Pruisen | 7 april 1945 |
Commandanten
Enkele van de commandanten
Georg-Hans Reinhardt, hier in 1941
Willibald Freiherr von Langermann und Erlencamp, in 1942
Heinrich Eberbach, in 1942
| Rang | Naam | Begin | Eind |
|---|---|---|---|
| Generalmajor vanaf 1 oktober 1939 Generalleutnant | Georg-Hans Reinhardt | 10 november 1938 | 10 februari 1940 |
| Generalmajor | Ludwig Ritter von Radlmaier | 11 februari 1940 | 5 april 1940 |
| Generalmajor | Johann Joachim Stever | 6 april 1940 | 15 mei 1940 |
| Oberst | Hans von Boineburg-Lengsfeld | 15 mei 1940 | 19 mei 1940 |
| Generalmajor | Johann Joachim Stever | 19 mei 1940 | 23 juli 1940 |
| Oberst | Hans Freiherr von Boineburg-Lengsfeld | 24 juli 1940 | 7 september 1940 |
| Generalmajor | Willibald Freiherr von Langermann und Erlencamp | 8 september 1940 | 27 december 1941 |
| Oberst vanaf 1 januari 1942 Generalmajor | Dietrich von Saucken | 27 december 1941 | 6 januari 1942 |
| Oberst vanaf 1 februari 1942 Generalmajor | Heinrich Eberbach | 6 januari 1942 | 23 november 1942 |
| Oberst vanaf 1 januari 1943 Generalmajor | Erich Schneider | 24 november 1942 | 31 mei 1943 |
| Generalleutnant | Dietrich von Saucken | 31 mei 1943 | 14 januari 1944 |
| Generalmajor | Hans Junck | 21 januari 1944 | 7 februari 1944 |
| Generalleutnant | Dietrich von Saucken | 7 februari 1944 | 1 mei 1944 |
| Oberst vanaf 1 juli 1944 Generalmajor vanaf 1 januari 1945 Generalleutnant | Clemens Betzel | 1 mei 1944 | 27 maart 1945 † |
| Oberst | Ernst-Wilhelm Hoffmann | 27 maart 1945 | 1 april 1945 |
| Generalmajor | Hans Hecker | 1 april 1945 | 8 mei 1945 |
Generalmajor von Radlmaier moest wegens een verwonding door artillerievuur bij Hannuit het bevel tijdelijk overgeven aan Oberst Hans von Boineburg-Lengsfeld.
Generalmajor von Saucken raakte zwaargewond bij Bolchov.
Generalmajor Junck nam tijdelijk waar voor von Saucken.
Generalleutnant Betzel sneuvelde in Danzig bij een Katjoesjaaanval.
- Bundesarchiv-pagina over de 4e Pantserdivisie, geraadpleegd op 14 september 2025
- Georg Tessin – Verbände en Truppen der Duitse Wehrmacht en Waffen-SS im Zweiten Weltkrieg 1939-1945. Zweiter Band: Die Landstreitkräfte 1-5.
- Lexikon der Wehrmacht: 4e Pantserdivisie, geraadpleegd op 12 september 2025
- Robert Michulec – 4th Panzer Division on the Eastern Front (1) 1941-1943
- Robert Michulec – 4th Panzer Division on the Eastern Front (2) 1944
- Percy Ernst Schramm – Kriegstagebuch des Oberkommandos der Wehrmacht
- Karl-Heinz Frieser – Blitzkrieg-Legende, der Westfeldzug 1940
- David M. Glantz – Battle for Belorussia, The Red Army’s forgotten campaign of October 1943-April 1944
- Kurt Dieckert, Horst Großmann – Der Kampf um Ostpreußen
- Rolf Hinze – Zusammenbruch der Heeresgruppe Mitte 1944
- Rolf Hinze – Das Ostfront Drama 1944
- Hans Schäufler – 1945 - Panzer an der Weichsel - Soldaten der letzten Stunde
- Samuel W. Mitcham – German Order of Battle. Panzer, Panzer Grenadier, and Waffen SS Divisions in World War II
- Thomas L. Jentz – Die deutsche Panzertruppe * 1933–1942 * Band 1
- Thomas L. Jentz – Die deutsche Panzertruppe * 1943–1945 * Band 2
- Hans Schäufler – Knight's Cross Panzers: The German 35th Tank Regiment in World War II
- Lexikon der Wehrmacht: Grenadier-Regiment 1071, geraadpleegd op 14 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Panzerregiment 35, geraadpleegd op 14 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Georg-Hans Reinhardt, geraadpleegd op 20 september 2025
- Georg-Hans Reinhardt Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Ludwig Ritter von Radlmaier, geraadpleegd op 20 september 2025
- Ludwig Ritter von Radlmaier Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Johann Joachim Stever, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Hans Freiherr von Boineburg-Lengsfeld, geraadpleegd op 20 september 2025
- Hans Freiherr von Boineburg-Lengsfeld Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Willibald Freiherr von Langermann und Erlencamp, geraadpleegd op 20 september 2025
- Willibald Freiherr von Langermann und Erlencamp Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Willibald Freiherr von Langermann und Erlencamp Artikel op Traces of war, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Dietrich von Saucken, geraadpleegd op 20 september 2025
- Dietrich von Saucken Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Heinrich Eberbach, geraadpleegd op 20 september 2025
- Heinrich Eberbach Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Heinrich Eberbach Artikel op Traces of war, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Erich Schneider, geraadpleegd op 20 september 2025
- Erich Schneider Artikel op Traces of war, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Hans Junck, geraadpleegd op 20 september 2025
- Hans Junck Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Clemens Betzel, geraadpleegd op 20 september 2025
- Clemens Betzel Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Ernst-Wilhelm Hoffmann, geraadpleegd op 20 september 2025
- Hans Hecker Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 20 september 2025



.svg.png)